Ringweg Oost afblazen
Gisterenavond Gemeentehuis. Fractiespreekuur: onderwerp Ringweg Oost. De inspraak van het Comité Zijldijk, mevrouw Lamain, gaf schokkend nieuws. O.a. de waterhuishouding en de daarmee verband houdende zaken verkeren in een aftandse staat, mede door verwaarlozing van tientallen jaren, en misschien nog wel over een veel langere periode. Nog meer van belang zijnde zaken. Volledig gepubliceerd met toestemming van de auteur.
Veel nieuwe informatie over een project waarvan we eigenlijk al op voorhand kunnen zeggend dat dit moet stoppen.
De inspraak van de Stichting Wijkbelang Ringweg Oost is een aanvulling naast die van het Comité Zijldijk. Hier wordt later op teruggekomen.
Inspraak Document Comité Zijldijk inzake Voorlopig Ontwerp Ringweg Oost. Fractiespreekuur Gemeentehuis Leiderdorp op 5 Januari 2010 om 20.00 uur.
Geachte Aanwezigen,
Verwijzend naar het Inspraak Document van 18 November 2009 inzake het Voorlopig Ontwerp van de Ringweg Oost wil ik vandaag -zoals afgesproken uit naam van het Comité Zijldijk in het eerste deel van dit stuk een aantal punten aanvullen en nader toelichten in het kader van een zogenaamd Deskundigenadvies. In het tweede deel van dit stuk wordt nieuwe informatie gepresenteerd over de actuele situatie op de Zijldijk door het Hoogheemraadschap van Rijnland aan ons ter beschikking gesteld.
A little knowledge is a dangerous thing
Het Comité Zijldijk heeft op 19 November 2009 een Deskundigenadvies ingewonnen bij een emeritus Hoogleraar Weg- en Waterbouw van de TU Delft op grond van het Voorlopig Ontwerp van de Ringweg Oost van het Ingenieursbureau Arcadis. Het betreft hier het deel van het tracé dat bestaat uit een tunnel onder de Oude Rijn en de Zijl en in de Zijldijk te Leiderdorp. Hiertoe zijn tevens de tekeningen van de tunnel, aangeleverd door het Ingenieursbureau Arcadis en ons ter hand gesteld door de Heer Willem Homan, aan onze deskundige voorgelegd. Op basis van deze gegevens komt de deskundige tot de volgende conclusies en aanbevelingen:
Met betrekking tot het ontwerp kan worden opgemerkt dat het hier gaat om een normaal, standaard ontwerp. Wat de bouwmethoden aangaat is de bouwmethodiek conventioneel. Deze tunneltechniek is voldoende bekeken en geijkt. (Dit in tegenstelling tot bijvoorbeeld de tunneltechniek die gebruikt wordt bij de aanleg van de Noord-Zuidlijn in Amsterdam.) Het risico van de onderneming om een tunnel in de Zijldijk te bouwen zit in elke ingreep in het dijklichaam tijdens de totale bouwfase en zelfs nog daarna. In essentie wordt er ingebroken in een over honderden jaren gegroeide situatie die stabiel is. Een toestand van evenwicht wordt verstoord. Thans bestaat er een evenwicht tussen waterstanden, laagopbouw van de ondergrond en grondtypen. Het is de vraag of de toestand van stabiliteit zal overslaan naar labiliteit door technische ingrepen in het gebied.
I Diepwand -Groutankers -Trekpalen
Voor de constructie van een damwand of een diepwand, zoals die in het Voorlopig Ontwerp wordt omschreven, wordt op de Zijldijk een sleuf in de grond gegraven op een afstand van ongeveer 8 meter uit de gevels van niet onderheide huizen die in de dertiger jaren van de vorige eeuw op staal zijn gebouwd. De sleuf wordt 19 tot 20 meter diep en 1 meter breed en wordt opengehouden door middel van het inpompen van betoniet. Uiteindelijk wordt van onderaf onderwaterbeton de sleuf ingepompt. De diepwand/damwand is het zwakke punt. Die is niet stabiel, ondermeer ten gevolge van vervormingen die optreden in de wand. Een permanent waterdichte diepwand/damwand bestaat niet. De door verzakking ontstane schade aan de huizen aan de Vijzelgracht tijdens de aanleg van de Noord-Zuidlijn in Amsterdam is het gevolg van een lekkage in een damwand en is een sprekend voorbeeld van dit verschijnsel. Ook bij de bouw van de metro-onderdoorgang bij het Centraal Station te Amsterdam doet dit euvel zich voor. De groutankers die de tunnel moeten verankeren worden aangebracht onder de huizen, dus in de lagen klei en zand van het rivier-of binnenduin. De groutankers, die een belasting van 4 ton moeten aankunnen, worden uitgeprobeerd tot 6 ton belasting. Mogelijke risico’s hierbij zijn horizontaal bewegen = schuiven, of vertikaal bewegen = zakken. De bijkomende onzekere factor die in deze complexe situatie een rol speelt is de funderingstechniek van de huizen langs de Zijldijk, waarnaar geen enkel onderzoek is verricht. Ook de trekpalen die de vloer van de tunnel in bedwang moeten houden tasten de stabiliteit van de gelaagde structuur van het binnenduin aan.
II Bouwput
De moeilijkheid is dat er een put naast de rivier de Zijl wordt gegraven. Wat er eigenlijk gebeurt is dat de Zijl wordt verlegd in een gat (bouwkuip) in de dijk. Wanneer er een bouwput naast de Zijl wordt gegraven, gaat het water van de Zijl naar die bouwput stromen. Een dergelijk verschijnsel deed zich onlangs ook voor in de bouwput van een parkeergarage in Middelburg. Om het grondwaterpeil te beheersen moet er gepompt worden. Toch zal water doordringen in de klei- en zandlagen van het binnenduin onder de huizen en de dijk. De doorlaatbaarheid voor water van deze materialen is verschillend, zodat het fenomeen ‘squeezing’ kan optreden als gevolg hiervan. Hierdoor ontstaan ‘afschuifrisico’s’ en ontstaat langs het glijvlak uiteindelijk dijkval. Hoe dijkval eruit ziet staat ons sedert de dijkval in Wilnis helder voor ogen. Wanneer de kade gaat schuiven, gaan de huizen schuiven. De bouwkuip die in de Zijldijk wordt gegraven staat in open verbinding met al het oppervlaktewater van de boezem van het Waterschap Rijnland. Om in de terminologie te blijven van het Hoogheemraadschap “dat is een bak water.” en om de woorden van onze deskundige te citeren “dan kun je staande drinken.” Dijkval kan ook het gevolg zijn van kwelstroming. Het is een ieder bekend hoeveel problemen de kwelstroming in de tramtunnel in Den Haag heeft opgeleverd en hoeveel tijd en geld de oplossing heeft gekost. De aanwezigheid van oude kwelbanen onder de Zijldijk maakt deze onderneming nog riskanter. De Zijl is een ‘onrustige watergang’ en het Hoogheemraadschap van Rijnland bevestigt dat er verscheidene kwelstromingen onder de dijk en de huizen op de nummers 15, 16 en 17 doorlopen naar het terrein direct achter de huizen. Dit is onlangs opnieuw gebleken uit het volgende feit. In de weken in het najaar van 2009 waarin veel regen viel, was opnieuw de grondwaterstand in de tuinen achter deze huizen instabiel en steeg het grondwaterpeil tot 10 -20 cm boven het maaiveld. Zoals u bekend ligt de woonwijk in de oude Munnikkenpolder en klinkt de bodem in. Inmiddels is er ten minste een hoogteverschil van 1 à 1,5 meter tussen het begin van de Zijldijk ter hoogte van de Spanjaardsbrug, waar de dijk oploopt naar een terp, en het gedeelte van de dijk waar voornoemde huizen liggen.
III Scheepvaart
Een bijkomend probleem wordt gevormd door de binnenvaart. Ook indien vaartbeperkingen worden ingesteld en er langzamer wordt gevaren hebben boeg-en hekgolven een zuigende werking, de zogenaamde golfeffecten. De scheepsgolven hebben een zuigende werking op het grondwater. Elke golf zuigt gronddeeltjes mee van de grond achter de damwand, dus tast daarmee de stabiliteit aan van de waterkering(boezemkade )/het dijklichaam/de laagopbouw van het binnenduin. De schepen zorgen ervoor dat het waterpeil voortdurend verandert. Alles bij elkaar kan dit leiden tot het uitspoelen van de dijk.
IV Grondonderzoek, Meet-en Registratie Systeem Waterspanning en Waterpeil etc.
Wat in het Voorlopig Ontwerp van November 2009 geheel ontbreekt is gedegen grondonderzoek. In het Voorlopig Ontwerp (2.3 Grondopbouw, bladzijde 18) wordt vermeld dat ‘ten behoeve van het project er in deze fase geen geotechnisch, geohydrologisch, terrein- of laboratoriumonderzoek [is] uitgevoerd.’ Om vast te stellen of de werkzaamheden die noodzakelijk zijn voor het bouwen van de tunnel op verantwoorde wijze kunnen worden uitgevoerd en of de bouw van een tunnel haalbaar is in de gegeven omstandigheden is het voor alles vereist dat grondig en degelijk grondonderzoek wordt gedaan. Zowel van het terrein waar de werkzaamheden plaatsvinden als ook van de grondlagen onder de huizen (per woning) dienen gedetailleerde grondstaten te worden samengesteld gebaseerd op actuele grondgegevens en recente metingen. Hetzelfde geldt voor onderzoek naar de waterhuishouding ter plaatse. Grondlagen en waterhuishouding zijn van cruciaal belang voor de berekeningen die moeten worden uitgevoerd in de uitwerking van elke bouwfase naar de eindfase. Op kritieke punten moet een Meet- en Registratiesysteem elke beweging vastleggen. Bouten en peilbuizen moeten worden aangebracht. Waterspanningmetingen en waterpeilmetingen moeten verricht worden. Essentieel is dat de situatie aan de Zijldijk wordt geanalyseerd, zowel vóór als tijdens de bouwwerkzaamheden. Indien de stabiliteit van het huidige evenwicht wordt verstoord loopt men immers de grootste risico’s.
V Selectie Bouwmaatschappij
Het risico van dit project is zo groot dat een bouwmaatschappij met de uiterste zorgvuldigheid geselecteerd dient te worden op capaciteiten en ervaring bijvoorbeeld op het gebied van het slaan van damwanden in soortgelijke omstandigheden. Het dient een gerenommeerde bouwonderneming in het topsegment van de markt te zijn. In de top van het bouwteam zijn 2 specialisten nodig, namelijk een grondmechanicaman en een watermechanicaman, beiden experts met een gevestigde reputatie op hun specifieke vakgebied, aangezien het in dit werk gaat om de samenhang tussen waterhuishoudingmechanica en grondmechanica.
VI Design and Construct Contract
In het Voorlopig Ontwerp is sprake van een voorkeur voor een Design en Construct Contract voor de bouw van de tunnel. Het risico van deze contractvorm moet met een speciale verzekering worden afgedekt. Een D&C contract gaat uit van de expertise en de visie van de aannemer. Een dergelijk contract veronderstelt dat op deze manier de operationele kennis van de bouwer optimaal kan worden benut. De aannemer is verantwoordelijk voor timing, constructie-uitwerking en bouwplanning van het werk. Dit geldt voor de werkzaamheden tijdens het operationele deel, inclusief alle voorzieningen tijdens de uitvoering, zoals plannen voor calamiteiten bij het falen van de bouwtechniek. Deze contractvorm heeft echter ook nadelen. De aannemer kan bouwenderwijs wijzigingen aanbrengen die doorgerekend moeten worden op eventuele neveneffecten op de stabiliteit van de woningen. De aannemer kan het tempo verhogen, hij kan kosten willen besparen en daardoor het risico verhogen. In geval van tunnelbouw in de gegeven omstandigheden kan het van vitaal belang zijn om als opdrachtgever de regie in eigen hand te houden.
VII Bouwrisicoverzekering
Om het risico op bouwschade te dekken moet door de opdrachtgever een verzekering worden afgesloten in relatie tot de bouwer en een verzekering in relatie tot de 24 huizen op de Zijldijk. De bewoners moeten inzicht hebben in het contract tussen verzekeraar en de Gemeente (Leiden of Leiderdorp?) respectievelijk de bouwer. De Zijldijkbewoners dringen er met klem op aan dat de Gemeente Leiderdorp de verantwoordelijkheid voor de huizen langs de Zijldijk (de risico’s op Leiderdorps grondgebied) op zich neemt. Voorts dient er dus een bouwrisicoverzekering te worden afgesloten ten faveure van de eigenaren/bewoners van deze 24 woningen. Deze bouwrisicoverzekering wordt afgesloten op titel van de eigenaar/bewoner van ieder huis langs de dijk. Elke woning moet op zijn merites bekeken worden en per woning moet een Bouwrapport worden opgemaakt over de staat van het huis, de diepte van de fundering, de aanwezigheid van zand onder het huis etc. Bouwtekeningen moeten voorliggen en het moet tot in elk detail duidelijk zijn welke funderingstechnieken zijn toegepast. Vervolgens wordt per woning een risico analyse opgesteld en worden de risico’s afgedekt. Dit Bouwrapport wordt ingepast in de verzekeringscondities tijdens de uitvoering van het project en tijdens het beheer. Zowel van het individuele Bouwrapport als van de individuele Bouwrisicoverzekering van de woning wordt een kopie aan de eigenaar ter beschikking gesteld.
VII Bouwkosten Tunnel
In feite is dit een onmogelijke opdracht. De maatregelen om de risico’s van dit project enigszins beheersbaar te houden zijn zeer kostbaar. Indien dit plan toch wordt doorgezet, moet een reële budgettering voor de ingebouwde calamiteiten-risico’s een bindend onderdeel zijn van de totale kostenraming van dit deel van het project. Een stijging van de totale kosten van dit deel met een factor 2 is waarschijnlijk.
Tot zover de conclusies en aanbevelingen van het Deskundigenadvies aangaande het voor Leiderdorp relevante deel van het Voorlopig Ontwerp van de Ringweg Oost November 2009 . Ik wil graag verdergaan met informatie afkomstig van het Hoogheemraadschap van Rijnland en aan het Comité Zijldijk verstrekt in een onderhoud ten kantore van het Hoogheemraadschap te Leiden op 4 December 2009.
Quis custodiet ipsos custodes? (Juvenalis)
Wie zal de bewakers zelf bewaken?
De Zijldijk met de daaraan gelegen 24 huizen en de erachter gelegen woonwijk het Zijlkwartier maken deel uit van de Munnikkenpolder van Leiderdorp. Het boezempeil of grondwaterpeil in de Munnikkenpolder wordt gehandhaafd op -60cm = 60 cm beneden NAP. Het maaiveld ligt op -10cm = 10cm beneden NAP. De maximale marge bij stijging van het grondwaterpeil, dat ten hoogste 30cm onder het maaiveld hoort te staan, is dus 50cm. Door een proces van inklinking van de bodem ligt het maaiveld in de tuinen achter de huizen aan de Zijldijk 15, 16 en 17 niet langer op -10cm NAP maar zeker 50 cm lager, dus op -60cm NAP. Dit ondanks het regelmatig ophogen van de tuinen. Het maaiveld ligt inmiddels op gelijke hoogte met het boezempeil van het water in de Zijl. Het gevolg is dat na overvloedige regenval, zoals het geval was in de laatste weken van de herfst van 2009, het water in de achtertuinen 10 -20 cm boven het maaiveld staat en wel op gelijke hoogte met het water in de Zijl totdat dat overtollige water weer is afgevoerd richting Katwijk. Deze grondwateroverlast is niet slechts het gevolg van de verbinding die er via de kwel stromingen onder de dijk en de huizen door bestaat tussen de Zijl en de tuinen achter de huizen. Het dijklichaam zelf is zo van water verzadigd en dusdanig verzwakt door het vele water dat het waarschijnlijk zelf ook water doorlaat.
Uit antwoorden op vragen die het Comité Zijldijk aan het Hoogheemraadschap van Rijnland hierover heeft gesteld ontstaat een glashelder en verbijsterend beeld van de tegenwoordige stand van zaken op dit deel van het grondgebied van Leiderdorp. Over de jaren, wellicht reeds ten tijde van de kleine waterschappen De Oude Rijnstromen, Groot Haarlemmermeer, Wilcke en Wiericke voor de fusie met het Hoogheemraadschap van Rijnland plaatsvond, is in de Munnikkenpolder te Leiderdorp te weinig onderhoud gepleegd, in niet mis te verstane bewoordingen hier gebezigd “ze hebben de boel laten versloffen.” Ook aan de Zijldijk is achterstallig onderhoud ontstaan. Op enig moment is daarom besloten om de formele status en functie van waterkering van het deel van de
Zijldijk waaraan onze 24 huizen liggen en dat loopt van de Spanjaardsbrug tot aan het industrieterrein de Baanderij af te waarderen en te degraderen tot die van boezemkade. Er moet nog antwoord komen op de vraag wanneer dit besluit werd genomen, hoe het werd gemotiveerd en wie hiervoor verantwoordelijk zijn. Een andere, uiterst schrijnende kwestie is op welke wijze de onderhoudsplicht van Leiderdorp en de handhavingsplicht en eindverantwoordelijkheid van het Hoogheemraadschap van Rijnland om de veiligheid van de burgers in het Waterschap Rijnland te
waarborgen zich laten rijmen met dit achterstallig onderhoud en het genomen besluit. Om misverstanden te voorkomen, vanaf het industrieterrein de Baanderij tot aan de Kaag is de Zijldijk
wel degelijk een waterkering.
Op de kaarten van het Hoogheemraadschap van Rijnland is duidelijk te zien waar de waterkering tegenwoordig precies loopt. De waterkering loopt langs de verheelde kade van het industrieterrein de Baanderij aan de overkant van de Zijloordkade met daarlangs de oude watergang en vervolgens via het verlengde van de Touwbaan langs de aldaar eveneens nog aanwezige oude watergang naar de Rijn. De twee watergangen staan via een duiker met elkaar in verbinding. Kort samengevat: de huizen langs de Zijldijk en in het daarachter gelegen deel van de woonwijk Zijlkwartier dat wordt begrensd door de watergang langs de Zijloordkade en de watergang in het verlengde van de Touwbaan liggen allemaal buitendijks en dit hele gebied staat in open verbinding met het oppervlaktewater van de Boezem van het Waterschap Rijnland. De ernst en de urgentie van deze deplorabele toestand worden nog vergroot door het feit dat de hoofdafvoerroute van het water van de Rijn naar Katwijk voor een belangrijk deel over de Zijl loopt.
Voor de huizen die dichtbij de terp ter hoogte van de Spanjaardsbrug liggen heeft dit tot nog toe minder ernstige gevolgen gehad dan voor de veel lager gelegen huizen verderop aan de Zijldijk. ‘ Een ieder hier aanwezig is zich er ten volle van bewust dat wij in deze tijd geconfronteerd worden met voortschrijdend inzicht wat betreft het proces van opwarming van de aarde, de verandering van het klimaat en de stijging van de zeespiegel als gevolg daarvan. Mede bezien in het licht van deze ontwikkelingen gaat het hier om grove, bestuurlijke nalatigheid. Er moet door de Gemeente Leiderdorp dan ook zo spoedig mogelijk een pakket van adequate maatregelen worden getroffen om de belangen van de bewoners en van hun woningen die buitendijks liggen veilig te stellen. De Zijldijkbewoners roepen de Gemeente Leiderdorp hierbij op om voortvarend en met de grootste spoed de infrastructuur op de Zijldijk ter hand te nemen en orde op zaken te stellen. De bewoners verzoeken de Gemeente Leiderdorp met klem om in samenspraak met en volgens de legger van het Hoogheemraadschap van Rijnland op korte termijn plannen te ontwikkelen noodzakelijk voor het herstel van het dijklichaam van de Zijldijk vanaf de Spanjaardsbrug tot aan de Baanderij en wel met dien verstande dat de Zijldijk de functie van waterkering weer volledig zal kunnen vervullen. Integraal onderdeel van deze plannen dient te zijn het permanent omlaagbrengen van het grondwaterpeil in het buitendijkse gebied. Hiertoe moet dit gebied in overeenstemming met het Boezembesluit worden ingericht als een apart peilvak, waarin een eigen, lager grondwaterpeil wordt gehandhaafd. Om dit te verwezenlijken is een inlaat vanaf de Rijn in de nog aanwezige watergang in het verlengde van de Touwbaan noodzakelijk. Tevens dient een gemaal te worden geïnstalleerd tussen de Zijl en de watergang langs de Zijloordkade om het water af te voeren Eventueel dienen de watergangen dieper te worden uitgegraven.
Conclusies gebaseerd op het Deskundigenadvies en gebaseerd op de gegevens verstrekt door het Hoogheemraadschap van Rijnland:
De risico’s die het Deskundigenrapport opsomt en die voortvloeien uit het graven van een bouwput in het dijklichaam van de Zijldijk zijn dusdanig ernstig van aard dat geen zinnig mens die voor zijn verantwoordelijkheid zou willen of kunnen nemen. Er is geen enkele garantie dat de maatregelen die door de deskundige worden aanbevolen om deze risico’s nog enigszins beheersbaar te houden daadwerkelijk soelaas zullen bieden. In alle redelijkheid moet worden vastgesteld dat de veel te krappe ruimte die de dijk biedt ten opzichte van de niet onderheide bebouwing en de directe omgevingsfactoren zoals de structuur van het binnenduin, de staat van de dijklichaam en de aanwezigheid van de onrustige watergang de Zijl tunnelbouw op deze plek uitsluiten.
De gedachte dringt zich op dat er een duidelijke overeenkomst bestaat tussen het project Noord¬Zuidlijn van Amsterdam en het project Ringweg Oost van Leiden. In beide gevallen gaat het om een politiek gemotiveerd, megalomaan project, waarvan de technische haalbaarheid niet werkelijk kritisch is onderzocht, getoetst of met onderzoeksgegevens is onderbouwd. Immers, wat betreft de tunnelbouw, de Gemeente Leiden heeft tot op heden (05-01-2010) het Hoogheemraadschap van Rijnland nog niet benaderd voor overleg over dit project teneinde een wateradvies en een keurvergunning aan te vragen. Er moet in de gegeven omstandigheden tevens voor gevreesd worden dat de kosten van dit tomeloos ambitieuze plan Ringweg Oost wat betreft de tunnel in de Zijldijk even onbeheersbaar zullen blijken als bij de Noord-Zuidlijn nu al het geval is. De verwachte stijging van de kostenraming als gevolg van een reële budgettering voor de ingebouwde calamiteiten¬risico’s met een factor 2 geeft dit duidelijk aan.
De Gemeente Leiden gaat als initiatiefnemer uit van nut en noodzaak van de Ringweg Oost en van het oplossend vermogen van de Ringweg Oost voor haar Leidse verkeersproblematiek, weliswaar voor een belangrijk deel op Leiderdorps grondgebied. De inwoners van Leiderdorp en met name de Zijldijkbewoners moeten echter vaststellen aangaande de Ringweg Oost dat, hoewel ook gepresenteerd als antwoord op de plaatselijke verkeersproblemen in Leiderdorp, het middel erger is dan de kwaal. Het Comité Zijldijk verwacht dan ook dat met deze wetenschap de Gemeente Leiderdorp prioriteit zal geven aan het herstel van het dijklichaam van de Zijldijk en het instellen van een peilvak met eigen grondwaterpeil voor de thans buitendijks liggende huizen boven welke andere infrastructurele agglomeratieplannen ook, aangezien de veiligheid en het welzijn van de bewoners van Leiderdorp uw eerste verantwoordelijkheid zijn. Wat de regelgeving voor bouwactiviteiten in een waterkering aangaat, in afwijking van de voorschriften die gelden voor bouwactiviteiten in een boezemkade, kan er volgens de Beleidsregels en de Algemene Regels van het Hoogheemraadschap van Rijnland van 2009 van tunnelbouw in een waterkering in het geheel geen sprake zijn.
In het stelsel van Dualisme dat onze parlementaire democratie kent, wordt u als Raadsleden verondersteld het College te controleren. Het is uw volksvertegenwoordigende rol als Raad dat u controleert, de kaders aangeeft en de prioriteiten stelt. U moet nu constateren dat u door het College wordt verzocht in te stemmen met een voorstel dat niet voldoende op haalbaarheid is onderzocht en waarvan de risico’s onvoldoende bekend zijn. U bent de bewaker van het College. De Zijldijkbewoners spreken de hoop uit dat het in de toekomst niet nodig is dat er in Leiderdorp een Raadsenquête-commissie aan te pas moet komen om naderhand, publiekelijk te moeten vaststellen dat u zich niet van deze taak heeft gekweten omdat u, net zoals dat bij de Noord-Zuidlijn in Amsterdam is gebeurd, een besluit nam dat nooit genomen had mogen worden.
Adrianne Lamain Gutow
Comité Zijldijk
Klik hier: Leidsch Dagblad 7 jan 2010:_ZIJLDIJK IS TE INSTABIEL VOOR TUNNEL










Heel erg juist dat de inbreng van mw. Lamain nu een ECHT breed forum heeft gekregen. Vooral de inbreng m.b.t. de “waterhuishouding” in het Zijlkwartier was een eye-opener.
Het zal mij benieuwen hoe het er morgenavond (7 januari) in de Leidse gemeenteraad aan toe gaat én hoe andere Leiderdorpse politieke partijen, na dit gehoord hebbende, in de RWO staan. Hun websites zwijgen nog immer !
Simon Weeda
6 januari 2010
Uiteraard heb ik genoten van dit artikel, deze burgerinbreng. Het getuigt van zeer groot inzicht.
Ik moet er wel bij vermelden dat een aanzienlijk deel van de aangevoerde bezwaren (risico’s) in feite opgaat voor vrijwel ieder project in Nederland waar ondertunneling van een waterloop aan de orde is. De vergelijking met de Noord-Zuidlijn gaat dan ook in die zin mank, dat daar geen sprake is van ondertunneling van waterlopen maar van ‘gewone’ grond. Ik zie daarom geen overeenkomsten met het Amsterdamse project, in die zin.
Voor ik nog wat opmerkingen maak, wil ik even wat begrippen uitleggen. Groutankers zijn draadeinden, die verankerd worden in een betonnen funament en middels voorgeboorde gaten en gebruik van los cement in het fundament worden verankerd. Deze constructie wordt meestal gebruikt om zogenaamde trekspanningen beter te kunnen opvangen. Trekspanningen zijn verticalen of diagonale spanningen. Schuifspanningen zijn spanningen van rond de 90 graden op de as, ofwel simpel gezegd zijwaartse krachten. Men kan ook grout (cementmengsel) in een bepaald deel van de grond injecteren, waardoor dit (afhankelijk van de soort cement) solide wordt en bijvoorbeeld een groutkolom vormt.
Bentoniet is veel gebruikt bij zogenaamde gestuurde boringen. Dan boort men een gat door een zeker terrein en wordt dit achter de boor langs de wanden met bentoniet ingespoten. Bentoniet is een zeer specieke minerale kleisoort, die reageert met vocht en daardoor klontert c.q. uithardt. Het is dus geen beton, zoals soms wordt gedacht.
Onderwaterbeton is vrijwel hetzelfde als gewoon beton. Het wordt middels een pijpensysteem op de bodem van een bouwput aangebracht en wordt zodoende direct gevloeid op de bodem van de put. Het in de put aanwezige water krijgt zo niet de kans om de samenstelling van het beton aan te tasten zodat het slecht of niet zou uitharden.
Kwelstromingen zijn effecten van de bekende wet van de communicerende vaten. Het zijn onbedoelde ondergrondse zijstromen van een waterpartij, waarbij door het drukverschil het water via de weg van de minste weerstand haar weg zijwaarts naar boven zoekt. Kwelstromingen zijn vrijwel niet tegen te gaan. Bij de uitgangen van zo’n stroom ervaart men lokale hoge grondwaterstanden of zelfs opborrelend water (een fenomeen dat bij extreem hoge waterstanden langs alle dijken van grote rivieren zichtbaar is).
Design and Construct is een contractvorm waarbij de aannemer op basis van eisen een werk ontwerpt en tot uitvoering brengt en alle risico’s draagt voor het werk, voor zover de opdrachtspecificatie niet misleidend of aantoonbaar onjuist was en voor zover de overeenkomst tussen aannemer en opdrachtgever specifieke risico’s niet uitsluit (voor de aannemer). Helaas is de algemene misvatting dat een aannemer door deze risicoportfolio ook voorzichtiger wordt en/of overal aansprakelijk voor is. Dat is bepaald niet het geval. De aannemer moet goed worden gecontroleerd. Een design en construct (ook bekend als D&C en Design en Built) overeenkomst is zo goed als wat er in de overeenkomst is bepaald. Dat klinkt als een open deur, maar is dit niet. Een D&C overeenkomst moet hoogwaardig van format zijn en zeker als het risico’s betreft, moet er uitgebreid vooronderzoek zijn verricht, voordat een opdrachtgever een aannemer zomaar rechtens op zijn aansprakelijkheid kan aanspreken.
Het voor dit soort werken inhuren van ervaren partijen is een standaardroutine. Er worden standaard ervaringseisen gesteld, die voorkomen dat een nieuwkomer in het segment dit soort complexe bouwklussen in opdracht kan krijgen. De zorg voor onervaren aannemers lijkt mij niet erg realistisch. Althans, er vanuitgaande dat de Gemeente Leiden voor deze buitengewoon complexe opdracht een deskundige in de arm neemt voor aanbesteding en bouwdirectie. Zouden ze het in al hun wijsheid zelf gaan doen, dan verhoog ik de risicoportfolio van dit werk direct een tienvoud. Daarentegen ben ik het absoluut oneens dat de opdrachtgever voor deze technisch uitdagende klus een regiecontract zou moeten afsluiten. Dan zijn de kosten uiteindelijk niet te overzien. Men dient aan te besteden op basis van D&C en Systems Engineering. Die combinatie biedt een deskundige bouwdirectie alle mogelijkheden de aannemer te controleren en systematisch te laten werken, waarbij door de validatie en verificatieslagen die de aannemer verplicht moet maken, er geen (juridische) ruimte is voor fratsen en onverantwoorde technische of financiële besparingen. Ik ga er vanuit dat de opdrachtgever zich terzake degelijk laat informeren.
Een bouwrisicoverzekering [ABR] is eigenlijk standaard bij dit soort klussen. De kosten voor zo’n verzekering zijn normaliter circa 1% van de verzekerde waarde. Dus als men een miljoen aan opstallen (e.d.) heeft de verzekeren, betaalt men een premie van 10.000 euro. Echter, als de risico’s op schade toenemen, kan die premie wel oplopen tot zo’n 10% van de verzekerde waarde. Het is dus beslist een dure verzekering om uit te nemen voor een aannemer. Meestal is het de opdrachtgever die zo’n verzekering regelt, soms een vereniging van eigenaren. Nulmetingen en overige periodieke metingen worden standaard verricht. Men zou er alleen goed aan doen om in de overeenkomst metingsintervallen te moeten vastleggen en op dagelijkse basis te laten verrichten tijdens de meest kritische periode van het bouwproces.
Er wordt gesteld dat de bouwkosten voor dit project onmogelijk zijn in te schatten. Dat is onzin. Men is kennelijk niet op de hoogte dat dit soort projecten vaak wordt uitgevoerd, hoewel ieder project een zeker risico herbergt omdat iedere ‘omgeving’ uniek is. Uit de wereld van de gestuurde boringen (lange boringen die vaak ten behoeve van kabels of leidingen worden verricht) weet men dat de kansen op tegenvallers aanzienlijk zijn. Maar Nederland beheerst als geen ander land ter wereld de techniek van dit soort kunstwerken. De crux van dit soort uitdagende klussen is de beheersbaarheid. Dat betekent uitputtend vooronderzoek, niet onderin maar bovenin de veiligheidsmarges ontwerpen en uitvoeren en nauwgezette ‘monitoring’ van de omgeving.
Des te transparanter het voortraject (vooronderzoeken, eisen), des te betrouwbaarder de kostprijs. De aannemer is niet gek. Hoe hoger de onbeheersbaarheidratio, hoe meer onbekend is, des te hoger de prijs en vaak des te meer de aannemer als aansprakelijkheid uitsluit. Het grote gevaar loert in de lokale overheid die zijn plan wil realiseren en daardoor de CAPEX [Capital Expenditure, ofwel kosten tot en met oplevering] onwerkelijk laag houdt om deze door de Raad te loodsen. In dat opzicht is de Amsterdamse kwestie zeer vergelijkbaar, waar de VVD’er Dales (en zijn aids-de-camp) onbetamelijk de Raad misleid heeft. In Leiderdorp kent men dit van de Molkenboer methode, waarbij op oude monistische principes gestoeld, de Raad kritiekloos het W4 debacle liet gebeuren. Het gevolg was dat W4 geen 18 miljoen euro netto opbracht, maar circa 20 miljoen euro kostte. Een verschil van zo’n 40 miljoen, veroorzaakt door een gemeente die niet wist waar zij aan begon en een gemeentebestuur dat ambitie liet prevaleren boven realisme en kennis van zaken. Dat risico loert in de Nederlandse bestuurscultuur en bestuursstructuur te allen tijde zeer prominent. Men is uiteindelijk hoogstens verantwoordelijk, nimmer aansprakelijk. Zie de Pikmeer arresten voor meer.
Tenslotte – op bovenstaande artikel reflecterend – is de rapportage vanuit het Hoogheemraadschap uiteraard schokkend. Om niet te zeggen ‘ongelofelijk’. Als dit aan de orde is, dan is er in Leiderdorp gedwaald. Als het waar is dient daarnaar een Raadsonderzoek te worden georganiseerd, want dan heeft de gemeente Leiderdorp willens en wetens onwerkelijke risico’s genomen. Ik vraag me dan ook af waarom het Hoogheemraadschap niet eerder – ongevraagd – aan de bel heeft gehangen.
Tenslotte. Er staan nogal wat fouten in het artikel die mij overkomen als ‘vertaalfouten’. Is er sprake geweest van inscannen van een handgeschreven bron? Want zeker in het eerste deel missen we interpuncties en zijn begrippen als damwand(en) consequent verwronngen.
A. Goossens
6 januari 2010
Simon. Dank voor de reactie. Inderdaad donderdag de raad Leiden inzake de Ringweg Oost. Je gaat er persoonlijk naar toe. De inspraak van mw. Lamain, naast de andere al bekende calamiteiten, heeft een grote toegevoegde waarde. De inspraak van de Stichting Wijkbelang Ringweg Oost is daar een prima aanvulling op. De inhoud hiervan komt op een van de volgende dagen ter sprake.
En de andere partijen, dat is de vraag. Het leidt geen twijfel dat het Ringweg Oost gebeuren afgeblazen moet worden.
Allert. Dank voor je reactie. Ik weet dat je genoten hebt van de inbreng van het Comité Zijldijk, mw. Lamain. Uiterst boeiend wat je aangeeft. Inderdaad is er sprake van inscannen en zijn er wat fricties in de tekst. Aanpassingen in mijn eigen systeem geven mij wat vertragingen maar het komt in orde.
Sjoerd Postma
6 januari 2010
Toch eens even onze wethouder “verkeer en milieu” van Groen Links van Leiden en RWO door de strot duwer van de RWO voor Leiderdorp John Steeg doorgelicht en wat vinden we op Wikepedia…….
Tussen 1995 en 1999 was Steegh lid van de Verenigde Vergadering van hoogheemraadschap (waterschap) van Rijnland. Vervolgens werd hij hoogheemraad en later loco-dijkgraaf van dit hoogheemraadschap. Hij was onder andere verantwoordelijk voor waterkwaliteit, afvalwaterketen en stedelijke waterplannen. Hij richtte als hoogheemraad de Vereniging Belangenbehartiging Dagelijks bestuurders van waterschappen op.
Wat voor een verschrikkelijke rotzooi is dit.
Sjoerd Postma
7 januari 2010
Een Hoogheemraad is als een wethouder. Zoals de Dijkgraaf zijn hoogheemraden heeft, zo heeft de burgemeester wethouders. Beide colleges zien op het dagelijks bestuur.
Probleem is dat de hoogheemraden afhankelijk zijn van wat ze van de technici meekrijgen. Het werkt in principe net zo als de gemeente. De Dijkgraaf wordt door de Koningin benoemt, de Hoogheemraden vormen het DB en het algemeen bestuur is als het ware de raad. Men vormt meestal ook thematische commissies die door de politici uit het algemeen bestuur worden gevuld, zoals de Raad haar Raadscommissies heeft.
Een hoogheemraadschap is natuurlijk een nog veel technischer omgeving dan een gemeente. Het DB is net als het DB van een gemeente een politiek getinte niet-terzake deskundige entiteit. De deskundigheid komt daarom net als bij de gemeente uit de organisatie.
Nu is John Steegh vermoedelijk de meest besmuikte wethouder van Leiden. Sterk bestuur is hem onbekend, zo blijkt wel uit de affaires rond zijn functioneren. De Leidse Raad is echter minstens zo zwak als de Leiderdorpse en heeft het dualisme ook nog niet ontdekt. Het huidige excuuscollege (na de val van het oorspronkelijke) heeft zich vanaf het begin een compromiscollege getoond dat de grote projecten op de kaart wilde zetten, koste-wat-kost. De RGL, de verbindingsweg A4-A44 en de Ringweg Oost. Gelukkig zijn er binnenkort verkiezingen en wie weet wat dat voor ommekeer brengt. Maar een copy van het huidige college in Leiden zou niet veel goeds brengen.
Ik ben de mening toegedaan dat als hetgeen genoteerd in het artikel accuraat is (ten aanzien van de waterkering), een dergelijke zaak om een enquete schreeuwt. Het is maar de vraag of de Leiderdorpse bestuurders hiervan op de hoogte waren. Anderzijds, met de renovatie van de Van der Valkboumanweg mag je aannemen dat het Hoogheemraadschap betrokken was bij de vergunning en/of bouwplannen, omdat het formeel gezien als een waterkering te boek staat. Dan mag men aannemen dat er informatie is gegeven over de feitelijke status van dat deel van de waterkering. Ik ga er vanuit dat het verkeersarmer maken van die weg niet veroorzaakt is door de zorg over de staat van de waterkeringsfunctie. Maar in elk geval lijkt mij dat er aanleiding is te denken dat of het Waterschap of de gemeente (of beiden) hier gedwaald hebben, wellicht nog erger. Bij een zaak die zo ernstig is als gesuggereerd in het artikel, is er feitelijk slechts één optie voor de Raad en dat is een Raadsenquete instellen. De onderste steen moet boven in een dergelijk geval van bestuurlijke dwaling.
A. Goossens
7 januari 2010
Toegevoegd link onderaan pagina Leidsch Dagblad 7 jan. 2010: Zijldijk is te instabiel voor tunnel
Sjoerd Postma
7 januari 2010