Hoe groter het schaakbord …

schaakbord… des te minder goede spelers. Schaken is een spel dat niet veel met behendigheid heeft te maken, niets met geluk of toeval, maar alles met intelligentie, overzicht en analytisch vermogen van de spelers. Dat komt doordat het een strategisch spel is waarin de spelers vooruit moeten denken, de strategie van de tegenstander moeten zien te ontrafelen en pareren en onderwijl zelf een winnende strategie moeten ontwikkelen op het bord. Een spel van keuzes. Gewogen keuzes.

Veel keuzes ook, want volgens de wiskundige Claude Shannon is de speltheoretische complexiteit op het met 64 vakken en 32 stukken getooide speelveld uit te drukken in het aantal theoretische stellingen van maar liefst 10E120. Ofwel 10 tot de 120e macht. Reglementair ligt het aantal zetten ‘gelukkig’ beduidend lager met 10E43. Ongekend hoge getallen. Vanuit een gemiddelde willekeurige stelling heeft de speler aan zet de mogelijkheid uit 30 tot 218 zetten te kiezen. Ga er maar aanstaan in het dagelijks leven!

Schaken is een strategisch spel waarbij topspelers meestal hyper intelligente mensen zijn. De absolute topschakers uit de geschiedenis waren geestelijk briljant, zaten zelfs vaak tegen de ‘waanzin’ aan. Dat is goed te begrijpen. Want een topschaker denkt zoveel zetten vooruit dat hij soms duizenden stellingen in zijn hoofd benaderd, om nog maar niet te spreken van de elite die blind simultaan schaakt, ofwel zonder de borden voor zich te zien tegen meerdere goede spelers tegelijk speelt.

Schaken draait om keuzes, net als het leven. En daarin is een aansprekende maatschappelijke parallel te trekken.

schaak_01De zetten des levens
Het leven is vaak net als een schaakspel. Iedere dag maakt een mens vele keuzes, waarin hij of zij de strategie des levens formeert. Veel keuzes maken we onbewust, gestuurd of zelfs instinctief. Maar in de moderne maatschappij moeten we ook steeds meer bewuste keuzes maken. Daartoe worden we gedwongen, door allerlei omstandigheden.

De sterk toenemende wereldbevolking leidt, zeker in druk bevolkte gebieden, tot een exponentiële toename in keuzes. Want de toename van de bevolking leidt tot evidente toename in persoonlijke interacties, of we het nou willen of niet. Sommige mensen zoeken dat op, denken dat prettig te vinden, noemen zich bijvoorbeeld stadsmensen of sociaal contactbehoeftig. Anderen ontlopen het, zoeken rustiger oorden op of ontlopen anderszins een sociaal druk bestaan.

De globalisering en evolutie van het maatschappelijk en economisch denken leidde tot een structureel toenemende druk op de werkvloer. Of het nu in de publieke of private sector is, iedere oudere werknemer, die bewust in het leven staat, heeft de laatste decennia een sterk toegenomen druk tot presteren gevoeld. Zelfs een werkzoekende ervaart tegenwoordig veel meer druk dan een aantal decennia geleden, want werkloos zijn met recht op een uitkering geeft allerhande verplichtingen. Arbeid is niet langer vrijblijvend, een loopbaan is niet langer een lange rechte weg, maar jaarlijks voorsorteren geworden. Prestatiebeloningen dwingen zelfs rechtstreeks contractueel een prestatie af of stimuleren die zodanig dat niet presteren een faux-pas is. Collectieve mores dwingen de collegae zich te conformeren. Niet meedoen is afhaken. Niet mee hollen, is jezelf buitenspel zetten.

In onze privétijd worden we in toenemende mate met keuzes geconfronteerd. En dan is het vaak moeten kiezen in plaats van mogen kiezen. Er waren tijden, nog niet zo heel lang geleden, dat je bij 45,000 gulden bruto jaarinkomen wist dat je je particulier moest verzekeren tegen ziektekosten. Daaronder was je ziekenfonds verzekerd. Hoefde je je niet druk te maken. Die loongrens was voor een groot deel ook een intelligentiegrens, want de meeste minder begaafde mensen – tenzij begaafd eigen ondernemer – kwamen niet zo gauw boven de drempel.

Andere keuzes zijn er evenzo steeds meer te maken. Vroeger reed je standaard volgens dezelfde weg naar je werk en terug. Vandaag de dag overweeg je meerdere routes, als je die beschikbaar hebt, omdat de files of de snel ingepaste afspraak aan het eind van de dag je tot die keuzes dwingen. Binnenkort kies ik standaard voor binnendoor. Scheelt me 7 cent per kilometer, zelfs buiten de spits. Weet de overheid bovendien lekker even niet waar ik zit. Althans, als ik het mobieltje thuis laat of de chip in elk geval niet meeneem.

Vroeger lag een erfenis bijna bij wet vast. Overlevende wettige partner en kinderen kregen hun minimale erfdeel. Het kleine restant kon je naar eigen goeddunken verdelen. Tegenwoordig kun je het grotendeels zelf bepalen. Je moet keuzes maken, waarbij je je realiseert dat de erfgenaam straks weet dat jij vermoedelijk welbewust erf hebt gelaten of juist niet! Een post mortem ontboezeming met wellicht veel impact.

Er waren tijden dat je wist dat de winkels overdag van 9 tot 6 open waren, op donderdagavond koopavond en op zondag serene stilte. Vandaag de dag heb je de keuze om iedere avond te winkelen of de zondag daarvoor te selecteren. Dat helpt overigens wel het probleem oplossen van de drammende partner, die echt iets wil ondernemen het weekend, want anders is er maandag bij de koffie op werk zo weinig te vertellen. En dat mag niet gebeuren, want als burgerlijk worden afgeschilderd in de pauze op werk is een afgang.

De telefoon was vroeger PTT. De post ook. Nu moet je kiezen. En iedere paar jaar weer. Want de techniek gaat zo snel dat je bakeliet telefoon tegenwoordig zelfs al retro is. Het voordeel van de vrije postmarkt is dat je nu op Valentijnsdag de gehele dag kan worden verrast. Want tussen 9 en 7 komen er zo’n vijf postbodes langs, van vijf verschillende bezorgorganisaties. Dat is efficiënt, zelfs goedkoper volgens onpeilbare economische modellen en bovendien breidt het je kennissenkring weer uit. Die van de hond ook trouwens …

Stroom kwam ooit gewoon uit je stopcontact. Na afschaffing van het muntapparaat in de huiskamer, was er decennialang geen keuze. Of je wilde of niet, je kreeg stroom van de lokale stroomboer. Ging je ergens anders wonen, dan had je maar te slikken dat de lokale prikleverancier je van 220 volt voorzag. Een situatie die natuurlijk volkomen onhoudbaar was. Vandaag de dag kun je gelukkig kiezen uit tientallen aanbieders, die allemaal aan je (virtuele) voordeur staan te colporteren met heel overzichtelijke vergelijkingen, zodat je je bijna gratis stroom en gas eenvoudig kunt betrekken van de stroomleverancier in bijvoorbeeld Zuid-Frankrijk. Rete interessant natuurlijk, dat de centen voor vakantie in Zuid-Frankrijk er niet zijn; maar wel lekker in eigen huis elektrisch steengrillen met stroom uit de Dordogne. Wie had dat gedacht, kernenergie uit Frankrijk om je Argentijnse biefstukje thuis in Nederland te grillen. Wie zei er dat globalisering slecht was?

Als je in de zeventiger jaren een beetje pijn in de buik had, belde je de huisarts en kon je dezelfde dag even de boel laten checken. Geen poortwachter in de vorm van een assistente die gezeten in de volle wachtkamer je gehele medische dossier even met je doorneemt. (fictief voorbeeld) ‘U hebt last van pijn in de onderbuik? Waar precies? Oh, hebt u moeite met plassen? Met copuleren? Ja, vervelend. Even kijken of ik een gaatje voor u heb hoor! Is overmorgen om 11:45 uur voor u in orde?’ De hele wachtkamer met enige kennis van de medische encyclopedie heeft inmiddels een diagnose al klaar. Niet zó erg, want ze zien me toch niet. Gelukkig heeft de assistente een oplossing voor de ‘mystery guest’, ze eindigt met ‘tot donderdag dan meneer Goossens’. Nu weet tenminste niemand wie er last van zijn prostaat had …

Diezelfde huisarts heeft het antwoord niet. ‘Ik wil dat toch laten nakijken in het ziekenhuis’. Vroeger wist je dan waar je aan toe was. Dokter die en die, in ziekenhuis zus en zo. Nu niet. Je mag zelf kiezen. Beetje internetshoppen om te kijken op de ‘kijk en vergelijk’ pagina van een of ander schimmig specialistenevaluatieplatform. Ja, niet vergeleken op internet is een doodszonde tegenwoordig. Want internet biedt de nieuwe waarheid. Ik kies een ziekenhuis om de hoek. De huisarts kijkt me aan in de trant van ‘gemiste kans’, maar ja, ik denk nog wat traditioneel.

De werkgever heeft dit jaar slechts 2% opslag geboden. Dat kan ik niet aanvaarden. De inflatie is slechts 0,5% geweest en voor een verhoging van 1,5% doe ik het niet. Ik monster me aan op een internet board en ga eens even comfi surfen in de baas zijn tijd naar mijn volgende voorsorteervak op de maatschappelijke snelweg. Gelukkig heb ik tientallen opties, wat de keuze eenvoudig maakt. Ik draai even een standaard sollicitatiebrief uit van internet en voeg mij personalia toe. Met een porto envelop van de zaak stuur ik mijn nieuwe potentiële bazen mijn wervende ‘save as’ sollicitatiebrief.

’s Avonds op de bank tot mijn vreugde de keuze uit 40 zenders op tv en 100 op de radio. Die saaie Nederland 1, 2 en 3 en de doodvermoeiende vijf Hilversums zijn goddank allang aangevuld door kwaliteitstelevisie van formaat. Als ik wil kan ik 900 zenders krijgen, maar 40 kwaliteitszenders vind ik wel voldoende. Wel lekker hoor dat zappen, hoewel de RSI kansen aan mijn rechterduim wel beteugeld moeten worden. Alleen die batterijen kosten goud!

De krant heb ik er inmiddels gelukkig uit kunnen gooien. Internet biedt me betrouwbaar nieuws, direct heet van de naald en met de kwaliteitsjournalistiek op internet zit het veel beter dan in die ouderwetse krant. Bovendien krijg ik standaard de opinies van de bezoekers die het nieuwtje allang voor mij lazen en kan ik me vast een beeld vormen wat ik van dat nieuws moet vinden. Datzelfde heb ik met verkiezingen. Vroeger bedacht ik me wat ik moest kiezen door de flarden die via Nederland 1, 2 of 3 tot me doordrongen. Wat de buren kozen, was een raadsel. Dankzij Maurice de Hond hoef ik echter nooit meer naar een opinie te zoeken. Ik kan heel makkelijk met de meerderheid meeleuren, nu me dagelijks door de Hond wordt verteld wat Nederland ergens van vindt. Ik zou het niet meer willen missen, die barometer van de Hond die me dagelijks verteld hoe afgestompt dom Nederland aan het worden is.

Ik ben voorts zielsgelukkig met de keuzes die ik krijg als het op verkiezingen aankomt. Twintig partijen, alleen al op de voorkant van het formaat A2 formulier. Er zal er toch wel eentje bij zitten, die het goed met me voor heeft en 100% zoals ik denkt? Bovendien, als ze dat onderweg niet blijken te doen, dan kies ik de volgende keer toch een ander? Fijn dat de traditionele partijen me ook dagelijks verrassen met een statutenvreemd voorstel. Ze gaan gelukkig mee in de dynamiek van het verkiezingsveld. Doodvermoeiend en saai dat je vroeger van tevoren wist waarvoor die traditionele partijen voor stonden. Gelukkig heb ik daarin nu niet alleen keuzes, maar kan ik die mede dankzij Maurice de Hond dagelijks bijstellen. Laat niemand me zeggen dat ik niet ‘modisch’ ben!

De supermarkt was vroeger veel te klein. Ik wist er de weg, dus het was een oersaai bezoek. En van iedere productsoort slechts zo’n tien verschillende kwaliteiten en prijzen. Die lastige prijskaartjes op de producten, die altijd los kwamen in je zak of die je er helemaal niet afkreeg. Nooit eens wervende acties, behalve dan eens in de tien jaar voetbalplaatjes bij de Appie. Gelukkig is de supermarkt tegenwoordig precies wat de naam zegt. Iedere week staan de standjes anders ingedeeld, dus ieder bezoek is weer alsof je een nieuwe buurtsuper bezoekt. De prijzen fluctueren per dag, dus inkopen doen doe je alsof je de AEX afstruint naar een aandelenkoopje. Per productsoort ongeveer 150 keuzemogelijkheden en er wordt middels slechts zo’n 50 verschillende handige symbolen op de verpakking aangegeven of je bij het nuttigen van een product grote kans maakt voor je 50e te sterven aan obesitas, hart- en vaatziekten of diabetis. Dat maakt de keuzes eenvoudig. De maandelijks wisselende spaaracties zijn erg handig en leuk voor de kinderen, die dus graag meegaan om de boodschappen te helpen tillen. Dat was vroeger wel anders! Heerlijk om te gaan shoppen in eigen supermarkt! Een avontuur.

Vroeger was het saai in het openbaar vervoer. Je had in onze regio slechts NZH. En die reden jaar in jaar uit op dezelfde route en volgens hetzelfde boekje. Je had het schema in je hoofd. Wat moet je met die informatie? Slaapverwekkend om iedere dag min of meer op tijd diezelfde route te rijden op die rode bankjes met bijna dezelfde mensen. Gelukkig hebben we nu halfjaarlijks aangepaste routes, uitvallende bussen en regelmatig nieuwe maatschappijen die rijden. Dat maakt openbaar vervoer een dynamisch begin en eind van de werkdag. En dynamiek is goed, want dat levert beleving. Mijn OV forenzenslaapje behoort tot het verleden. Prima, want het straalde toch een stuk verveling uit. Slecht voorbeeld voor de jeugd …

schaak_02Schaakborden en vrijmarktdenken
Het neoliberalisme zorgde ervoor dat mensen vanaf de jaren tachtig steeds meer keuzes hebben gekregen. Niet alleen meer de keuzes t.a.v. belangrijke zaken in het leven, maar beïnvloedbare, min of meer vrije keuzes die dag in dag uit moeten worden gemaakt over triviale zaken. Dat gaat veel verder dan ‘wat draag ik vandaag’ en ‘wat eten we vanavond’. Van eerste oogopslag tot het snaveltje toe, is het keuzes maken. De vrijheid van het individu, noemen doorgeslagen liberalen dat met een porum dat op ‘mooi toch?’ staat.

De vrijwel absolute vrijheid van het individu staat qua ambitie diametraal op de wetenschap van de mensenkunde. Als mensen werkelijk de vrijheid wordt gegund, ontstaat anarchie. Het ongebreidelde streven naar vrije markten, naar private verzorgingsomgevingen en winst uit virtueel alles in het economische en maatschappelijke verkeer is gelijk aan het volgen van een crash koers. De afgelopen twee jaar is de wereld geconfronteerd met de macro economische gevolgen. Desondanks maken veel economen en politici alweer statements als zouden we op weg zijn naar duurzaam herstel. Klinkklare nonsens, maar … de macro economie is massapsychologie. Als je maar hard genoeg gelooft, komen we er wel.

Vrije marktdenken heeft beslist voordelen. Ten aanzien van productenverkeer waarbij een gezond concurrerende en ongekunstelde markt kan ontstaan, heeft de vrije markt meer voor- dan nadelen. Die fase van de vrije markt hebben we allang geleden bereikt. Maar de harde vrije marktdenkers willen meer. Dat vrije marktdenken is geïnstitutionaliseerd in de tegenwoordige moederstaat EG. Die tikt lidstaten snel op de vingers als de vrije markt wordt beteugeld. Alle denkbare processen en systemen moeten worden geliberaliseerd, gegoten worden in bestaande of gecreëerde concurrerende modellen en ertoe leiden dat u als individu zelf kunt beslissen.

Er zijn niet veel gezond liberaal denkende mensen meer over. Gezond liberaal zijn betekent het onderscheid kunnen maken tussen systemen, processen en producten waar vrijemarktdenken een werkelijke verrijking betekent, oprecht goed is voor het individu en (h)erkennen waar het ophoudt en waar dus een zekere mate van collectivisme of centralisme mag blijven. Doorgewinterde liberalen (libertijnen en aanverwante extremisten) verliezen totaal uit het oog welke belasting de ongebreidelde vrije markt het individu oplevert. En er zijn tegenwoordig veel meer libertariërs dan men denkt. De EG wordt er door beheerst, maar het is zelfs in de geesten van veel politici geslopen die denken dat ze veel gemiddelder zijn georiënteerd.

Steeds meer mensen moeten afhaken in de maatschappij, omdat ze de overdaad aan keuzes niet kunnen beantwoorden, omdat ze veel te vaak de verkeerde keuzes maken, omdat ze niet willen of simpelweg niet kunnen kiezen of – nog basaler – omdat ze in het ongeremde ‘vooruitgangsproces’ niet meer kunnen aanhaken. Want het individu dat afhaakt in de race voor meer, beter, groter en duurder, kan zich wel eens neerslachtig gaan voelen. Kan wel eens een ‘loser’ gevoel krijgen. Paria’s hebben het slecht in een asociale libertijns ingerichte samenleving.

De maatschappij die we inmiddels met elkaar creëren – c.q. al goeddeels gecreëerd hebben – is er één van meten is weten. Iedereen wordt gemeten, gevraagd of ongevraagd, bewust of onbewust. Uw gegevens zijn alom bekend. Het land staat vol ‘servers’ die databases bijhouden die uw doen en laten, uw denken en kunnen, uw grenzen en beperkingen en uw kansen en bedreigingen laten zien. Een druk op de knop en uw gegevens rollen eruit. Als je daarin geen inzicht hebt of daar bijvoorbeeld geen inzicht in wilt hebben, dan word je elke dag op tv of radio ongevraagd wel gestuurd. De media storten een overvloed aan opinies en polls over ons uit. Als je niet weet wat je moet vinden – wat meestal betekent dat je weloverwogen een keuze maakt of een zaak je niet interesseert – dan word je al snel als afhaker betiteld. Je moet wat vinden, want anders ben je een loser, hoor je er niet bij. Geen mening is gelijk geen ruggengraat. Tegenwoordig worden mensen zonder mening steeds minder gemeld. Het is gewoon 48% voor en 51% tegen. Iedereen duidelijk dat 1 op de 100 geen mening had, de loser.

Het ergste vind ik de maatschappelijke glijbaan waar steeds meer mensen zich op wanen of weten. De overvloed aan keuzes – het doorgeslagen vrije markt denken – is voor steeds meer mensen een reden of aanleiding om af te haken. Ze vinden vaak zelf dat ze niet meer meedoen, niet meer meetellen. Ze kunnen de keuzes niet meer aan, moeten zich in kleine lettertjes gaan verdiepen zonder de schijn van een opleiding te hebben, kunnen niet meer leunen op vertrouwde getoetste paden, maar ontwaren op de voorheen lange rechte weg met hier en daar een flauwe bocht, ineens een circuit met kruisingen. De overdaad aan keuzes beangstigt steeds meer mensen, dwingt hen tot aanhaken of afvallen, dwingt hen tot keuzes waar ze het gewogen oordeel voor missen. De weerslag van die processen op onze maatschappelijke en geestelijke gezondheid wordt zorgvuldig onder de mat geschoven, maar is immens. Sociaal zwakker krijgt een nieuwe definitie.

Schaken is met 64 velden en 32 stukken op het bord al een spel dat maar weinig mensen goed beheersen. De strategische keuzes die je als speler constant moet maken, de analyses van de stand op het bord, die zich na iedere zet wijzigen, doen steeds meer denken aan het dagelijkse leven. Doen denken aan de overlevingsstrategieën in de huidige competitieve maatschappij.  Daarin worden zelfs niet-schakers gedwongen steeds meer zetten bedenken op het schaakbord des levens. Maar steeds meer spelers aan dat bord, hebben de grootste moeite aan te haken en staan binnen de kortste tijd schaak, of zelfs mat. Eén op de tien mensen heeft tegenwoordig psychische problemen van ernstige orde.

schaak_03Eindspel
De schaker die het eindspel bereikt heeft goed partij gegeven. Maar de vraag wordt steeds prangender hoeveel spelers in het simultaantoernooi des levens vroegtijdig afvallen. Het schaakbord met zijn onnoemelijk vele zetmogelijkheden kent weinig spelers die tot de top behoren. Als we het schaakbord nog meer zouden vergroten, vallen er nog veel meer potentieel goede schakers af of het maakt de selectie aan de top zo dun dat er niet eens meer op niveau geschaakt kan worden.

De huidige doorgeslagen vrije markt en überconcurrerende samenleving biedt niet alleen de economische ongewenstheid van de dictatuur van de markt, niet slechts de schikking naar vermogende en onvermogende mensen in de zin van saldi op de bank, maar zorgt ook voor een steeds grotere toename in maatschappelijke afvallers, die het enorme palet aan keuzes niet meer aankunnen. Mensen die in essentie de kansen hadden uitstekend mee te kunnen in de beheerste samenleving, maar die de letterlijke ‘vaart der volkeren’, de druk van moeten presteren, moeten kiezen, moeten mee hollen, niet meer aankunnen en afglijden in de schaduw van de voortrazende succestrein.

Er is niets mis met beheerst commercieel denken, niets fout of verwerpelijks aan met gezond verstand economisch verkeer middels beteugeld marktdenken te regelen. Maar extremisme ziet men niet alleen in ideologische uitersten als communisme of fascisme, zoals de huidige tijd ons weer eens wil doen geloven. Extremisme zit net zo goed in extreem libertarisch denken, in het opzoeken van dwingende en/of ultieme vrijheid van de markt. Als mensen toch eens gingen inzien dat de werkelijke waarheid van een leefbare samenleving zich a priori ergens rond het midden bevindt in plaats van in de uiterste van het grote spectrum, dan zouden we daarmee de weg terug gaan vinden naar beheersing, naar overzicht.

Als er één eigenschap typerend is voor de goede schaker, is het beheersing. Want er is vrijwel geen schaker in de top die agressief spel beloond ziet met ELO punten voor de ranglijst. Beheersing is het sleutelwoord. Bij schaken draait het namelijk vooral om de ontwikkeling van het spel midden op het bord. Het middenspel. Zoals de maatschappelijke inrichting in wezen zou moeten draaien om de oriëntatie vanuit het maatschappelijke middenveld. Want het middenveld bepaalt de balans tussen aanval en verdediging. Zonder middenveld wordt het aanvallen of verdedigen. Leuk voor het kijkspel, slecht voor het hart.

Allert Goossens

Geschreven door Allert Goossens

30 november 2009

4 reacties

Laatste reactie door A. Goossens

4 reacties op 'Hoe groter het schaakbord …'

Abonner op reacties met RSS or TrackBack to 'Hoe groter het schaakbord …'.

  1. Weer eens een ander “geluid.” Filosofisch gevormd. Interessant, boeiend, melancholiek. Klasse Allert.

    Sjoerd Postma

    30 november 2009

  2. Dit stuk komt precies op tijd Allert en ik ben het eens met de inhoud.
    Bij al die keuzes een schijnvrijheid waar weer legio mensen hun boterham “verdienen” om het verkeer te regelen in deze keuzes.
    En voor vele bemiddelaars en regelaars is een leeg schaakbord al overdonderend ingewikkeld.
    Laat ik het naar mijn gewoonte ophangen aan wat recente praktijkervaring.

    Mijn schoonmoeder, broos, bijna 93, twee kunstknieën, breekt begin november haar rechter dijbeen zeer complex. De gebroken stukjes worden met een plaat bijeen gehouden. Zij heeft geen kracht in armen of benen, maar een heldere kop en een groot doorzettingsvermogen. Ze wil revalideren en terug naar haar verzorgingstehuis.
    Tussentijds zal ze moeten revalideren in een verpleegtehuis.
    Daarop vooruitlopend is ze in het ziekenhuis (Bronovo) overgebracht naar een schakelafdeling die door een ander onderdeel (Neb0)bestiert wordt.

    Nu de praktijk. Hoewel maatschappelijk werk ziekenhuis iets moet regelen komt deze pas na twee weken, na aansporing mijnerzijds tot actie. Ze laat intern een indicatie vaststellen (blijkt mij later pas) en vraagt mij verpleegtehuizen van voorkeur op te geven.
    Bij het verpleeg tehuis van voorkeur is de mogelijkheid om de wachtlijst te volgen. Na kontakt met dit verpleeghuis blijkt er een foutieve indicatie te zijn doorgegeven, namelijk een permanente opname in plaats van een revalidatieplaats. Dus wij weer terug naar maatschappelijkwerk ziekenhuis. Ondertussen is mijn schoonmoeder overgebracht naar de schakelafdeling. Nieuwe maatschappelijk werkster en of ik opnieuw haar identiteitskaart wil kopiëren, die krijgt ze niet mee van de verpleegafdeling (wel haar nachtkastje en telefoonkaart van een patiënten telefooncentrale die gewoon een hele week uit de lucht is, net als de televisie (ja dat verzorgt NUON, daar kunnen wij niets aan doen)). Maar weer kontakt opgenomen met het nieuwe maatschappelijk werk die zich afvraagt waarom ik hiermee bezig ben, mevrouw is zelf handelingsbekwaam.

    Kennelijk het dossier ook op dit punt niet goed doorgegeven. Vervolgens belt ze me opgetogen terug dat helaas het voorkeursverpleegtehuis niet wil opnemen omdat de indicatie te laag is gesteld door het CIZ. Opgetogen omdat ze zelf initiatief heeft genomen en zwaar teleurgesteld dat ik haar enthousiasme niet deel, omdat mij dit rauw op mijn dak komt en de achterliggende gegevens ontbreken en ik de acceptatie harerzijds van deze gewijzigde indicatie zonder enig advies aan mij niet waardeer. Ik lees op de CIZ site professionals dat ze vandaag beginnen met het opstarten door professionals om zelf indicaties weer bij te kunnen stellen (kennelijk om allerlei langdurige bezwaren te beperken), maar ze heeft het al zo druk. Krijg na aandringen bij maatschappelijkwerk ziekenhuis de bezwarenprocedure CIZ opgestuurd en moest dus zelf weer vragen om de in hun bezit zijnde indicatie bij wie ik bezwaar moet aantekenen en hoe de precieze indicatiestelling luidt. Ik denk dat bij deze procesbegeleiders die er zijn om zo een transitie vlekkeloos te laten verlopen zelfs “mens erger je niet” te ingewikkeld is.

    Nu, nog enigszins in het zicht, kunnen we dagelijks bijsturen (waarom geen aansterkende voeding – oh is niet doorgegeven, de huisdokter komt op ziekenhuisverzoek door mijn tussenkomst de griepprik geven, maar de schakelafdeling begint enkele uren daarvoor met toedienen antibiotica, zodat ik nog net kan zorgen dat de huisarts wordt ingelicht dat ze niet hoeft te komen, want nu kan de griepprik niet, oh mag ze het rechterbeen helemaal niet belasten? even op staan kan toch wel?).
    Als ik de gegevens rond heb maar weer een bezwaar naar het CIZ want de huidige maatschappelijke werkster verschuilt zich achter de regeltjes. Mocht mijn schoonmoeder niet op redelijke afstand worden opgenomen, dan zijn wij als enig aangewezenen (mijn Anke en ik) niet in staat dat goed te volgen. Ik ken mijn eigen ziekenhuistraject (wat ben ik blij met mijn keuze Reinier de Graaf in Delft) met opnames en Anke heeft naast een drukke baan maar een lijf. En ja drieënnegentigjarigen hebben een kennissenkring die niet mobiel is en een familiekring die uitgestorven is. Kijk dat zijn al te veel variabelen om mee te nemen in een denkraam wat tot een oplossing leidt. Dus schaken, dat is veel te ingewikkeld.

    En al dit soort mensen dagelijks voor keuzes stellen die ze misschien wel willen, maar niet kunnen overzien, dat levert echt chaos. We gebruiken vele procenten van ons zorgkosten aan reclames en overstapkosten (administraties bij verzekeraars en zorgverleners) maar volgens mij kan dat beter aan het bed zelf. De keuzes zijn vaak schijn. Ik schreef al eens in een column dat mijn zorgverzekeraar voetbalt tegen mijn energieleverancier.

    Dus Allert ik deel je achterliggen gevoelens, loop er in de praktijk dagelijks tegen aan dat de wereld voor velen zo wordt ingekaderd dat ze het zelf nog kunnen overzien (zonder de verdere ratio daarvan te beseffen) en menen een waardevolle bijdragen te leveren aan de maatschappij. Het is tegenwoordig iedere dag onnozele kinderen.

    Wouter

    Wouter

    30 november 2009

  3. Nee de indicatie CIZ wordt opgestuurd naar het huisadres van mijn schoonmoeder, zodat er, wachtend op die post alweer een week verstreken is voordat je kan handelen. De indicatie is afgegeven door CIZ den Haag, maar voor opname bemiddeling moet ik naar CIZ Leiden. Ik pak Kafka maar weer eens uit de kast.

    Wouter

    Wouter

    30 november 2009

  4. Ik kwam dit artikel op internet tegen, zij het gedateerd voor mijn artikel. Maar het geeft wat mij betreft een aardige aanvulling. http://www.hartenziel.nl/artikel/Gek_van_de_keuzes

    A. Goossens

    11 januari 2010

Reageer op dit bericht.