Conservatief
We zijn planologisch oerconservatief
Nederlanders profileren zich regelmatig in binnen- en buitenland als een progressief handelsvolkje dat zich regelmatig vooraan in de verandercycli begeeft. Dat is in veel opzichten wellicht een accurate voorstelling van zaken. Planologisch zijn we echter bezig van progressief juist oerconservatief te worden. Ik ga uitleggen waarom ik dat vind.
De zee van ooit …
Ooit had de zee vrij spel in het gehele westen, noordwesten en zuidwesten van Nederland. In de late Middeleeuwen en nadien – tot aan de jaren zeventig – staken wij vele stokjes om het wassende water tegen te gaan en onze voeten droog te houden. We zorgden ervoor dat de getijdeninvloeden buiten de zeeweringen bleven en wonnen nieuw land aan door inpoldering. Een praktijk die ons water- en civieltechnisch management tot ongekende en wellicht zelfs ongeëvenaarde proporties opdreef.
Nog steeds beheersen wij de kennis en kunde om kunststukjes op te voeren als het aankomt op beteugelen van de zee of haar oerkracht juist aanwenden of geleiden. Zelfs de qua inhuren van kennis uiterst terughoudende Amerikanen smachten naar Nederlandse civil engineers om de VS te behoeden voor al te veel waterschade door toenemende orkanen en eventuele tsunami’s.
In eigen land werd de vorige eeuw nog heel wat land op de zee herwonnen. Immers ooit was er veel meer droog dan nat, bestond de Noordzee niet en was Groot-Brittannië gewoon deel van het geheel. En daarvoor hoeven we niet eens terug naar de oerwereld, het supercontinent Pangaea van 225 miljoen jaar geleden. Nog slechts 65 miljoen jaar geleden was Engeland nog een geheel met het continent, de periode die wij als het Krijt kennen. Zelfs 9,000 jaar geleden lag de Noordzee tussen Nederland en Engeland nog droog.
Toen de moderne mens in het Nederlandse kwam wonen was de zee echter een feit, net als de Zuiderzee, een van de grootste binnenzeeën van Europa. Maar in de late Middeleeuwen ontdekten wij de geneugten van het polderen en wisten wij veel gebieden permanent droog te houden. Nadien wonnen we zelfs grote stukken land aan, sloegen in de jaren dertig een mooie afsluitdijk, polderden nog wat meer, stelden Zeeland veilig en als laatste prestatie werden de Flevopolders gecreëerd, onze jongste provincie. Voor deze overwinningen op het water verdienden we wereldfaam. Faam die onze grote aannemers en technische instituten tot de dag van vandaag commercieel kunnen uitbuiten in de gehele wereld. Waar waterbouwkundige huzarenstukjes moeten worden verricht, zijn vrijwel altijd Nederlanders van de partij.
De progressiviteit van ooit …
Maar de eeuwenoude evolutie van onze wedijver met de zee begint te verstommen. We waren altijd uiterst inventief om ruimtelijke uitdagingen te combineren met waterbouwkundige uitdagingen. Die tijd lijkt achter ons te liggen. We durven niet meer zo goed, zo lijkt het. Onze conservatieve stedenbouw en planologische paradigma’s zorgen er inmiddels voor dat we ook waterbouwkundig niet meer zo goed durven in eigen land. Een paar voorbeelden om dit te onderbouwen.
Nederland heeft een ongekende kinetische energie voorhanden in een getijden- en stromingmachine die de Noordzee heet. Ieder etmaal wisselen de getijden, stromingen langs onze kust zijn op diverse plaatsen sterk. Onze rivieren die uitmonden in de Noordzee bieden eveneens een aanzienlijke stroming. De debieten [stroomverschil tussen twee punten] in rivieren zijn zodanig dat daaruit energie kan worden gehaald. Dat principe verstonden onze oude molenaars al. Zij gebruikten immers hun molens om ambachtelijk zwaar werk voor hen te laten verrichten.
De grote toename aan noodzakelijke waterbergingen in seizoenen van hoge rivierstanden, biedt ongekende mogelijkheden om potentiële energie uit water te halen. De druk van 20 meter waterkolom – zijnde 2 bar boven atmosferische druk – kan middels een buizen en generatoren systeem een geweldig mooi gesloten systeem van energie opwekking bieden in waterbergingen. U kent de wet van de communicerende vaten. Als ik parallel aan de waterberging buizen aanbreng die op de bodem van de waterberging aangesloten zijn, dan drukt het water in die buizen zich met een druk van 2 bar boven atmosfeer naar boven. Als ik die buizen nog eens versmal, neemt de druk exponentieel toe. Middels het oeroude systeem van weerstandbiedende schoepen in de top van de buizen kan ik stroom genereren terwijl het water gewoon terugstroomt in het reservoir. Een schitterend systeem, eenvoudig, goedkoop en in wezen te simpel om niet toe te passen.
Naast die enorme hoeveelheid voorhanden kinetische en potentiële energie is er ook nog eens de interne energie in thermodynamische processen. Een voorbeeld daarvan is blauwe energie. Dat is energie die gegenereerd kan worden door omgekeerde elektrodialyse waarbij een membraan tussen zoet en zout water uit het potentiaalverschil [cathode / anode] tussen beide media elektrische energie weet te genereren. Een prachtig en volkomen schoon proces en met de huidige technieken commercieel toepasbaar. De afsluitdijk is een excellente locatie voor de constructie van meerdere blauw watercentrales, omdat het zoete(re) water van het IJsselmeer zich aan de ene zijde van de dijk bevindt en het zoute water van de Waddenzee aan de andere zijde. De spuisluizen in de dijk zijn overigens voor energie opwekking uit debieten buitengewoon geschikt.
Nederland ligt kortom aan een schatkamer, een oneindige voorraad medium om volkomen schoon energie op te wekken. Er waren tijden dat Nederland zulke buitenkansen direct zou uitbuiten …
De kansen die deze schatkamer bieden zijn buitengewoon boeiend als we kijken naar andere structurele uitdagingen van dit kikkerlandje. Meso en macro planologische kwesties, zoals het ongebreideld inbreiden van de Randstad, zonder dat die Randstad zelf uitdijt. Kortom, een progressieve vorm van verdichting die – relatief – exponentieel is.
Een bijkomende kwestie is die van de immer groeiende main port Schiphol. Toen deze luchthaven ooit het levenslicht zag in de Haarlemmermeerpolder, kende zij een vrije omgeving. Die kwam voor de oorlog echter al in het gedrang wat onder meer – weinig Leiderdorpers weten het – aanleiding was tot de ontwikkeling van serieuze plannen om voor de KLM een apart vliegveld te ontwikkelen in de polders oost van … Leiderdorp. Geluk bij een ongeluk voor Leiderdorp was de Duitse invasie van 1940, die de plannen acuut torpedeerde. Inmiddels biedt Schiphol een ongekend planologisch probleem voor de Randstad. En niet alleen dat. Ook een milieueffect van heb ik jou daar.
Een derde kwestie is de ongekende congestie in het westen des lands als het op transportbewegingen aankomt. De enorme verdichting van de Randstad door bewoning en uitbreidende handel en nijverheid leidt inmiddels tot een zodanige congestie, zeker in stedelijke omgeving, dat oplossingen in wezen onmogelijk zijn te realiseren.
De laatste kwestie – wederom van waterbouwkundige aard – is de wetenschap dat het waterpeil van onze Noordzee de komende decennia gestadig zal stijgen. Het is noodzakelijk dat als tegenmaatregel een grondige herziening van onze kustdefensie wordt verwezenlijkt. Dat punt brengt me tot het bruggetje wat ik zoek …
Bruggen verbinden ….
Niets schept meer genoegen dan synergie. Synergie is als het ware het bundelen van energie. Het is een bundeling waarbij het product van twee of meer processen een meerwaarde oplevert jegens de som van de delen. Synergie is dus wat we zoeken als we een aantal prangende en duurzame kwesties moeten op zien te lossen in onze maatschappij.
Er is een gebundelde oplossing voor 1) de massale opwekking van schone energie, 2) de ophoging en verbetering van de waterkeringen en kustdefensie, 3) de toename van de vraag aan tijdelijke waterbergingen, 4) de planologische druk op de Randstad inzake wonen, werken en verkeer en 5) mainport Schiphol. Wie zou durven beweren dat een dergelijke gebundelde oplossing geen synergetische waarde heeft?
Bruggen verbinden. Het is dus noodzakelijk bruggen te slaan tussen grote uitdagingen als deze te slaan zijn. En dat is mogelijk.
Nederland was Nederland niet als het niet tenminste een derde van haar oppervlak op de zee had veroverd. Dat heeft ze gedaan en ons huidige zenuwstelsel – de Randstad – ligt voor een voornaam deel op ‘veroverd land’. Het bizarre is dat we vooral hebben ingebreid sinds we onze duinen en zeeweringen hebben gebouwd of versterkt. We kijken binnenwaarts, niet buitenwaarts. Waarom?
Laten we vaststellen dat we inmiddels tientallen miljarden hebben gereserveerd om onze kustdefensie gedurende vele decennia te verhogen en versterken. Dan doen we vooral door een passieve introverte oplossing te zoeken. Het versterken van onze huidige kustlijn. Maar waarom kiezen we niet de route die onze voorvaderen kozen, en veroveren we nieuw land op de zee? De beide Maasvlakten waren uitstekende pilot projecten om aan te tonen hoe (relatief) eenvoudig dat is.
Stel nu dat we een strook van tien kilometer uit de kust van Rotterdam tot aan Den Helder erbij willen veroveren. We houden dan de geleidelijke vorm van onze kust vast, zodat ernstige stromingsverstoringen niet optreden. Die strook land wordt deels voorzien van kustweringen met ingebouwde generatoren die de getijdenverschillen en de stroomverschillen gebruiken om energie op te wekken. Daarvan kunnen er eenvoudig zoveel worden gebouwd dat de gehele Randstad van voldoende energie kan worden voorzien.
Dat nieuw aangewonnen land kan een of twee nieuwe volkomen modern geplande steden huisvesten alsmede een nieuw aan te leggen Schiphol mainport. Langs de kust kan een prachtige rechte autoweg worden aangelegd die aansluit op de (dan werkelijke) rondwegen rond Rotterdam, Den Haag en Alkmaar. Op de locatie van het huidige Schiphol kan op verstandige wijze nieuwbouw plaatsvinden binnen de Randstad. De Schiphol gerelateerde handel en nijverheid kan deels worden verplaatst met de luchthaven.
Het grote voordeel dat een dergelijk plan biedt, is dat buitengewoon goede planologische keuzes kunnen worden gemaakt die voor de verandering eens niet stuiten op honderdduizend praktische en psychologische bezwaren, maar waarbij men een stad, een agglomeratie en een infrastructureel vrijwel geheel ongehinderd door bezwarende locatiefactoren kan plannen en bouwen. Zoals de steden Abu Dhabi en Dubai gepland zijn gebouwd.
De kansen die een vooruitstrevend mega project als boven beschreven bieden zijn eigenlijk te groots om allerhande bezwaren aan te voeren. Er is enerzijds een mega investering noodzakelijk, maar anderzijds zijn de baten die van ongekende duurzame werkgelegenheid voor vele ambachten en bedrijven, het voorkomen van de miljardeninvestering in versterkte kustdefensie als dode investering omdat het ten bate van landaanwinning wordt besteed, de verkoop van de enorme hoeveelheid grond in de Haarlemermeerpolder die thans door Schiphol wordt bezeten, de verlichting van het Randstadse in de zin van wonen, werken en verkeer, de ruimtelijke winst die een einde kan maken aan de onwerkelijke en onnatuurlijke verdichting van de Randstedelijke binnensteden en bovenal de enorme kansen die er liggen in het duurzaam genereren van schone energie door de dubbele benutting van zeeweringen als passieve defensieve objecten en als generatoren voor energie.
Een vooruitstrevend megaproject, dat vermoedelijk twee generaties bouwtijd vergt. Maar een project dat Nederland economisch een enorme motor geeft, duurzaamheid aan alle kanten uitademt, buitengewoon veel prangende kwesties duurzaam oplost en dat dus vele vliegen in een klap slaat. Ik besef maar al te goed dat dit plan weggehoond wordt door politici. Dromen zullen ze het noemen. Ik heb het ooit in de VVD Leiden besproken, en daar werd schamper gelachen. Politici durven zich aan dit soort plannen niet te wagen. Waarom niet, als het zo’n duurzame oplossing voor veel problemen kan bieden, als het zoveel kan betekenen voor economisch én ecologisch Nederland? Progressief denken is er noodzakelijk om de kansen van dit plan te zien én in te zien dat het helemaal niet zo’n onrealistische droom is. Kijk slechts naar wat de Emiraten realiseren in de Golf om te zien hoe realistisch landaanwinnen kan zijn …
Bruggen ophalen ….
De praktijk is echter dat de politiek – het bestuur van het land – liever bruggen ophaalt dan slaat. Zo nu en dan een loopbruggetje leggen, als het populistisch gezien waarde heeft. Maar structurele visies, visies met staatsmanschap, die zijn er inmiddels niet meer. Politiek namelijk onverkoopbaar. Liever je profileren middels normen en waarden of juist het tegendeel (PVV), dan een ambitieuze én haalbare visie nastreven. Je kop durven uitsteken, gewoon omdat je daarvoor staat.
Nee, bestuurlijk Nederland breidt liever in. Hoe typerend dat de collectieve Gemeenteraden van Noord-Brabant bijkans ontploften toen een mega mall in Tilburg werd voorgesteld. Het zou alle binnensteden van Noord-Brabant failleren, zo was het idee. Tja, die ideeen bestonden ook toen winkelcentra überhaupt voor het eerst ontstonden, toen grootgrutters en warenhuizen kwamen. Uiteindelijk blijkt er altijd sprake van verbetering, maar wint de conservatieve massa het vaak van de progressieve ziener.
Hoe typerend dat klassieke grachtensteden als Den Haag, Haarlem, Alkmaar en Leiden worstelen met immense logistieke problemen. De binnensteden staan muurvast. Waarom? Omdat we nog het planologische denkbeeld van de Middeleeuwen hebben als het binnensteden beleid betreft. Lullig, maar de demografische ontwikkelingen hebben niet stilgestaan. Was Leiden anno 1574 nog een stadje met 8,000 inwoner, vandaag de dag heeft ze er 120,000. Door vrijwel diezelfde binnenstad wringen zich nu duizenden auto’s, daar waar vroeger paarden en wagens, later trammetjes zich met moeite tussen de grachten door wisten te laveren.
Leiden komt deze week met een Blauwe Zone plan. Geweldig. Meer parkeerplaatsen, meer restricties op vrij parkeren buiten het stadshart en dus geen oplossing. Leiden heeft een stadshart dat nooit meer zal kloppen zoals vroeger. Het mist de demografische samenstelling om hoogwaardige winkels te trekken, maar mist vooral de infrastructurele ruimte om al die aan- en afvoer van winkels en consumenten te kunnen verwerken. Oplossing zou zijn om de winkelfunctie, met uitzondering van bijvoorbeeld markt en curiosa, te suburbaniseren. Volgen van het Duitse, Franse en Amerikaanse model, van winkelcentra aan de rand van de stad met uitmuntende bereikbaarheid. Als die Oostvlietpolder dan zo nodig ingekleurd moet worden, suburbaniseer dan de Haarlemmerstraat nering naar dat gebied en stop met het trekken van verkeer naar de ondoordringbare binnenstad. Kun je gelijk dat verdomd incourante maar o zo dure RGL boemeltje schrappen. Steek dat geld in het herschikken van je binnenstad en constateer dan dat je ineens je enorme vervoersprobleem in Leiden centrum opgelost hebt. Maar ja, je moet wel durven als politiek. En conservatief zijn is altijd nog veeeeeel veiliger dan je nek uitsteken. Hoewel, straks roept men nog dat anno 2009 een tramlijn aanleggen rete progressief is van de Leidse en provinciaalse despootjes. Laat ik dat risico maar niet lopen door te zeggen dat Leiden oerconservatief is door een terminaal stadshart koste-wat-kost met pappen en nathouden in leven te houden …
Bestuurlijk Nederland IS oerconservatief. We hebben niet alleen te maken met van die idyllische stadsbestuurdertjes – die niet dwars gezeten door enige kennis en visie de ene na de andere stad naar de malle moer helpen – maar ook met oerconservatief bestuurlijk denken als het aankomt op bestuurlijke vernieuwing. We rijden in één dag tegenwoordig met de auto naar zuid Frankrijk, vliegen in een paar uur naar de andere kant van de wereld, we bellen met Pim de eskimo met ons mobieltje, maar in Nederland wil wel elk dorpje, elk gehuchtje graag zelfstandig zijn. In het kader van ‘we hebben in 1568-1648 niet voor niets voor onafhankelijkheid gestreden’ vordert iedere leefgemeenschap nog lekker de eigen autonomie. Dat Nederland daarom grenzeloos planologisch verrommelt is daarom niet verwonderlijk.
Waar blijft die ‘change’?
Ik hoop enorm dat de omslag komt. De omslag waarbij visie weer terugkeert in de politiek, waarbij sterke bestuurders (liefst veel technocraten) opstaan die weer over de verkiezingen durven te kijken, waarbij populisme verliest van realisme, en waarbij we ons bestuursmodel eens op niveau van de huidige tijd gaan brengen. Ik wil slagvaardige lokale overheden die streken besturen, geen dorpen of stadjes. Ik wil provincies als bestuurslagen zien vertrekken, omdat ze volslagen overbodig zijn. Ik wil een centrale overheid die in plaats van 200 nieuwe verboden per jaar die tot in mijn huiskamer ingrijpen, zich bekommeren om het macrobeleid van morgen, overmorgen, volgend jaar en volgden decennia.
Ik wil af van dat klagersvolk in de politiek dat musiceert op de noten van het volk en zich bezighoudt met symptomen als bonussen en graaigedrag. Zolang de politiek zelf de grootste graaier – zonder behoorlijk product – blijft, moeten ze hun belerende koppen dicht houden. Vliegen afvangen, spoeddebatjes, politiek correct gereutel, het moet eens afgelopen zijn met de vluchtige pop-politiek in Den Haag.
We zijn keihard toe aan onze eigen Barrack Obama. Ik wil iemand in Nederland horen roepen dat we de bakens weer eens gaan verzetten, in plaats van de regressie politiek van eng Grijs. Niet terug naar af, maar af naar vooruit. Visie op de toekomst in plaats van eigenwijsheid ten aanzien van het verleden.
Ik stem op de eerstvolgende partij die in zijn verkiezingsprogramma realistische progressieve toon biedt en waarvan ik het gevoel heb dat ze dat waar kunnen en willen maken. Mijn plan voor een ‘nieuw land’ zal ik vast niet terugvinden bij de partijen, want dat is veel te veel gevraagd voor de durfniksen en bangerikken in het huidige politieke speelveld. Maar de partij die mij aan kan tonen dat ze verder durft te kijken dan morgen en waarvan ik werkelijk het idee heb dat ze over de toekomst nadenken, die gaat mijn stem krijgen. Vooralsnog heb ik in mijn hoofd om de eerst komende verkiezingen voor het eerst van mijn leven niet te gaan stemmen. Ik ben namelijk geen conservatief …
Allert Goossens










Boeiend, interessant, conservatief, innoverend: noem maar op. Met veel interesse je column gelezen Allert. Niet direct “des Leiderdorps” maar wel met een boodschap en visie. Ben er trots op dat ik deze column mocht plaatsen. Bijzonder dank.
Sjoerd Postma
28 april 2009
http://books.google.com/books?id=qq6GBPoHQpAC&pg=PA85&dq=dutch&lr=&as_pt=MAGAZINES&ei=g93JSum2B6XEzgTIl6WRBA&hl=nl#v=onepage&q=dutch&f=false
Er zijn er meer met ideeën van deze aard!
A. Goossens
6 oktober 2009
Juist. En dat houdt deze column actueel.
Sjoerd Postma
6 oktober 2009