Centrumplein veroorzaakt pleinvrees

raadsvergadering1.jpgInleiding

Aanstaande maandag ligt een voorstel ter besluitvorming voor in de Raadsvergadering, de eerste na het zomerreces, waarbij een aantal aan het Centrumpleinplan [hierna CPP] gerelateerde besluiten zouden moeten volgen.
Voor een goed beeld kort de vijf beslispunten:

1. Instemmen met variant 2 van het schetsplan CPP m.u.v. de woonlocatie
2. Statenhof als mogelijke vestigingsplaats bevestigen backoffice gemeente
3. Instemmen met plan van aanpak huidige parkeer- en vuiloverlast
4. Instemmen met door Goudappel Coffeng voorgestelde verkeersmaatregelen rond CP
5. Instemmen met klankbordgroep uit projectteam CPP voor uitwerking schetsplan

Tijdens recente behandeling in de raadscommissie 2 was er vanuit de coalitie brede steun voor de voorstellen vanuit het College. De oppositie daarentegen was bijzonder kritisch. Kort en goed gezegd was de oppositie over drie componenten zeer kritisch:

a) Totale omissie van financiële onderliggende gegevens en daardoor onmogelijkheid tot toetsing budget neutraliteit en zuiverheid van overwegingen college.
b) Bezwaar tegen het afvallen van de randvoorwaarde ‘sociale woningbouw’, te meer daar a) aan de orde bleek en dus geen toets van zuivere overweging kon worden uitgevoerd
c) De verkeersintensiteit invloed vraagt om nadere studie en overweging

Daarnaast was een algemeen punt van kritiek dat de betrokkenheid van burgers en organisaties in het voortraject misbruikt wordt om ‘algemeen draagvlak’ als argument aan te voeren dat vóór deze plannen zou moeten spreken. De burgers lijkt immers een plan ‘door de strot’ te worden geduwd. Ook vonden de oppositiepartijen dat vooral de private partij en initiatiefnemer van het CPP, Winkelhof eigenaar Wereldhave, lijkt te profiteren. Het algemeen belang, maar vooral de noodzaak, wordt sterk in twijfel getrokken.

Verdeeldheid

De raadscommissie was – zoals inmiddels gebruikelijk in Leiderdorp – verdeeld in haar standpunt volgens de traditionele verhoudingen ‘oppositie / coalitie’.

De coalitie roemde de plannen, zag geen noodzaak in deze fase financieel te (kunnen) toetsen en verheugde zich in de vruchtbare samenwerking tussen private partijen, overheid en betrokken burgers.

De oppositie daarentegen [of ‘daar én tegen’] zag allerhande bezwaren. Vooral werd gewezen op de onwerkelijke zaak dat besluiten worden genomen over varianten – en het afvallen van voorheen vereiste componenten – zonder dat zelfs maar een financiële verantwoording werd afgelegd ter verificatie van de onderliggende overwegingen. Daarnaast juist kritiek terzake de volgens de oppositie volkomen gratuite samenwerking tussen partijen, waarbij burgers feitelijk geen inspraak hadden in de planvorming, maar slechts in de planuitvoering.

Uiterst curieus bleek dat het college – en in het kielzog de coalitie – weliswaar erkende dat de thans voorliggende beslispunten niets onomkeerbaars teweeg zouden brengen, maar anderszins de aperte weigering e.e.a. uit te stellen tot de financiën op orde en presenteerbaar zijn. De ‘meerderheid’ van de commissie besloot aldus tot doorzenden aan de Raad voor besluitvorming.

Considerans

Welke overwegingen heeft een politiek gremium nu om bij meerderheid een groot bouwplan – in het (kunstmatige) hart van haar gemeenschap – te laten voortschrijden zonder dat zij zich in alle kernzaken heeft kunnen verdiepen en als juist fundamentele zaken als budgetneutraliteit, leefbaarheid en verantwoord besturen niet zijn of kunnen worden getoetst?

Indien er sprake zou zijn van noodzaak, van argumenten waarbij urgentie een hoofdrol speelt, dan is een dergelijk proces te billijken. Men schaart dat dan onder de noemer ‘het algemeen belang dienend’. Hier is echter geen sprake van, en dat zal zelfs de coalitie niet ontkennen.

Wat is dan de overweging van de coalitie? Veel verder dan ‘wenselijkheid in het kader van algemene projectvoortgang’ en ‘vertrouwen houden bij de private partner’ komt men niet, ook niet tijdens het commissiedebat. Flinterdunne argumentatie dus. Naar de feitelijke overweging blijft het dus naarstig gissen.

De overweging van de oppositie om raadsbesluiten in deze fase op te schorten is echter veel sterker, en zelfs voor een buitenstaander goed te begrijpen en te huldigen. De oppositie stelt dat – zeker met de leerstof W4 vers in de pukkel – financiële deugdelijkheid voor alles dient te gaan. En dat beperkt zich niet slechts tot de uitvoering, maar het is van groot belang toetsing van de geprognosticeerde cijfers voor het project in deze fase te kunnen verrichten, te meer daar kennelijk op basis van bij het college wél beschikbare gegevens een variant afvalt omdat de budgetneutraliteit (vermeend) in het geding zou zijn.

De overwegingen om wel tot besluitvorming te komen in deze fase zijn dus ronduit zwak, terwijl die om besluitvorming op te schorten bijzonder sterk zijn. Ook voor de objectieve lezer.

Nadere beschouwing plan

Typerend voor het geval is dat sterke parallellen met het W4 dossier zijn te zien. De oorsprong van de W4 tekorten ligt ontegenzeglijk in de principebesluiten van de Raad waarbij de financiën van alle infrawerken onder ‘pro memorie’ posten waren gesorteerd. Dat wil zoveel zeggen als ‘wordt later ingevuld’. Juist die posten bleken in de toekomst van dat besluit de molensteen om de nek van de begroting, en hebben geleid tot het leeuwendeel van het huidige miljoenentekort op W4. Ook toen achtte de Raad ‘gecontroleerde’ voortgang opportuun, zonder dat een verstandige toetsing van de cijfers was uitgevoerd. En dan kan men ten faveure van díe beslissing nog aanvoeren dat met de toenmalige ambitie van Rijkswaterstaat inderdaad een zekere tijdsdruk bestond.

In het geval van het CPP is er hoogstens tijdsdruk die wij onszelf als gemeentebestuur opleggen. Er ligt een ambitie een centrumplein te bouwen, waarbij het winkelcentrum bruto vrijwel verdubbeld en het huidige gemeentehuis moet wijken. Elementen van wederzijds profiteren tussen de private en publieke ambities zijn wellicht aanwezig, maar die elementen moeten op hun merites worden gewogen. En wat zijn nu die merites?

gemeentehuis.jpgDe sloop van het gemeentehuis is geen noodzaak, maar een sterke wenselijkheid bij sommige partijen. Die wenselijkheid wordt belangrijk gedevalueerd door de overweging dat de zelfstandigheid van Leiderdorp wel eens zeer eindig zou kunnen zijn. Het is beslist niet ondenkbaar dat we binnen vijf tot tien jaar onszelf in een ARHI [=herindeling] procedure bevinden. Dan is een overdreven en dure nieuwe gemeentelijke kantoorfaciliteit een bijzonder slechte investering. Daarnaast zijn er legio mogelijkheden de huidige faciliteit te upgraden, in- en voor zover nodig. De noodzaak daartoe wordt vanwege het argument dat het is voor de coalitie in dit dossier, tendentieus overdreven. Een gemeentehuis dat 25 jaar staat kán eenvoudigweg niet volkomen aan vervanging toe zijn.

Een andere zaak is de fundamentele spanning die de relatie Wereldhave – als eigenaar van Winkelhof – en de gemeente typeert. De private partij heeft louter commerciele belangen en de bestuurlijke partij (idealiter) zuiver publieke belangen. Dat zijn twee media die niet duurzaam te mixen zijn. Wereldhave heeft een ambitie getoond om Winkelhof aanzienlijk uit te breiden. Dat sloot aan op de ambitie van een deel van het gemeentebestuur in de eervorige collegeperiode, waarbij men streefde naar de creatie van een nieuw stads – zo u wilt – dorpshart.

Een goede verstaander ziet hierin geen synergie, maar symbiose. Wederzijds profiteren dus. Maar een positieve steun aan een dergelijke status gaat slechts op indien daadwerkelijk sprake is van vrij evenredige baten aan beide zijden. En is dat nu wel aan de orde?

Synergie of symbiose

Bij synergie is er feitelijk sprake van een constante vervlechting van belangen die de som van samengaande delen een constante meerwaarde geeft. Een duurzame intensieve samenwerking, met duurzame vruchten. Synergisme, een vermilde vorm, duidt slechts op de constante samenwerking tussen partners zonder aanmerkelijke extra vruchten.

Bij symbiose is er sprake van samen existeren door (tenminste) twee partners, waarbij parasiteren het kernwoord is. Er zijn verschillende soorten symbiose herkenbaar, waarbij zuiver parasiteren de meest onevenwichtige vorm is, en mutualisme de meest batige en evenwichtige omdat hierbij sprake is van samenwerking die nuttig of noodzakelijk is voor beide vormen. Een voorname tussenvorm is parasitoïsme, waarbij in eerste aanleg een wederzijds evenwichtig belang aan de orde lijkt, maar na verloop van tijd onevenwichtigheid ontstaat tot het einde van de andere partner bereikt is. Een mildere tussenvorm is het commensalisme, waarbij een partij profiteert en de andere daarvan geen merkbaar nadeel ondervindt. In alle vormen is evident sprake van de noodzaak van een partner.

Een korte les beschouwende theorie. Maar zeer relevant. Want publieke en private partijen dienen slechts intensief samen te werken indien er synergie of mutualisme aan de orde is. In alle andere gevallen zal één partij aanmerkelijk onderliggend zijn, en de statistiek wijst uit dat dit vrijwel altijd de publieke partij is. De kwestie is nu, of in het geval van het CPP wel sprake is van een van beide geambieerde vormen.

Wereldhave heeft grote commerciële belangen bij de uitbreiding van Winkelhof. Niet alleen verhoogd het de intrinsieke waarde van het complex, omdat sec genomen een groter aantal BVO [Bruto Verkoop Oppervlak] beschikbaar komt, maar eveneens verhoogt het de nominale waarde van het complex. Het zal immers worden gemoderniseerd en aantrekkelijker worden. Wereldhave en haar aandeelhouders profiteren duurzaam van deze investeringsmogelijkheid. Daarbij is de kerntaak van Wereldhave de investering in vastgoed, en is ze beursgenoteerd. Aandeelhouders verwachten investering en rendementen. Niets mis mee, op zich.

De gemeente Leiderdorp heeft geen zwaarwegend publiek doel waaraan het CPP beantwoordt. Wel zijn er enkele wensen. Leiderdorp wil een nieuwe gemeentefaciliteit en een opgepimpt centrumplein. Subsidiair wordt het resultaat van de uitbreiding van Winkelhof omarmt als een verrijking van de faciliteiten voor de burger.

Als men beschouwt hoe de doelen van beide partners zich tot elkaar verhouden, is objectief beschouwd het doel van vastgoedonderneming Wereldhave aanzienlijk groter dan het vooral opleukende doel van de Gemeente Leiderdorp. Dat gezegd hebbende, kan men niet anders concluderen dat er dan andere onderliggende zaken Leiderdorp tot de huidige euforie moeten brengen. Nevenopbrengsten dus, in de vorm van geld of lusten. Is dat aan de orde?

cirkel centrumplein.jpgWinkelhof krijgt er ongeveer 60% netto winkeloppervlak bij.
Daarnaast ontstaat een centrumplein dat wezenlijk anders, wellicht aantrekkelijker is, dan het huidige vrij suffe plein. Er komt een stedenbouwkundig wenselijk andere gevel langs de Engelendaalzijde. Dit zijn objectief gezien de subsidiaire voordelen.
Heeft het plan ook nadelen?

Beslist, ook voor de objectieve beschouwer zijn de nadelen evident. Er wordt een vrij massaal winkelcentrum neergezet, dat bovendien bijzonder veel extra verkeer zal aantrekken. De verkeersafwikkeling zal een uitdaging worden, en in de spits zal – vanwege het in populariteit zeer toenemende ‘one-stop shopping’ [o.a. boodschappen doen onderweg van werk naar huis v.v.] – de verkeersdruk aanzienlijk toenemen. Meer verkeer zorgt voor meer milieuvervuiling ter plaatse, en in de Leiderdorpse situatie is dat onwenselijk. Bovendien verhoudt deze resultante zich slecht met de ambitie die Leiderdorp koestert juist meer verkeer om het dorp te leiden, en niet door het dorp. Daarnaast is er geen sprake van een blijvende baat voor Leiderdorp. Er is sprake van een eenmalig profijt, en na realisatie van het plan zal een blijvende last ontstaan door extra verkeer en dus extra schade en onderhoud aan de wegen.

Een indirect bezwaar geldt ook nog. Los van vermoedelijk verminderd woongenot van direct omwonenden, ontstaat ontegenzeglijk een andere minder transparante dissonant. In de verhouding tussen Wereldhave en de gemeente wordt onderhandeld over de prijs voor grond en de secundaire voorwaarden. Hoe harder de gemeente zich opstelt, des te duurder wordt het plan voor Wereldhave. Kosten moeten worden gedekt, en aangezien de huurders van de objecten in het Winkelhof zich niet hebben kunnen vastleggen voor huurprijzen in de verdere toekomst, zullen zij – en dan vooral de strategisch minder belangrijke winkeliers – het volle gelag betalen. En winkeliers die het volle gelag betalen, worden gedwongen de extra huurpenningen te verwerken in hun prijzen. En die prijzen betalen de Leiderdorpse burgers straks. Dat is niet alleen een treurige wetenschap, maar het brengt ons eveneens in een spagaat: betere voorwaarden en prijzen nu, betekent indirect zwaardere belasting van de burger straks.

De voornoemde argumenten tegenover elkaar gezet kan ik de zaken niet anders beschouwen dan dat de baten in onderliggend dossier niet evenwichtig verdeeld zijn, en zeker niet duurzaam in beide richtingen gaan. Wereldhave profiteert volkomen, daar waar de gemeente slechts marginaal profiteert, zeker als door gemeentelijke herindeling een nieuwe faciliteit slechts korte tijd rendeert. De winkeliers en burgers lijken het gelag te moeten gaan betalen voor de voorwaarden die de gemeente neerlegt, terwijl zij slechts worden beloond met een aantal extra winkels en een opgeleukt centrumplein.

Daarom zou de conclusie verdedigd kunnen worden dat geen sprake is van synergie of mutualisme, maar van commensalisme. En dan discrimineren we daarbij zelfs even de vermoedelijk structureel hogere prijzen in Winkelhof die de burgers zullen treffen.

Budget neutraliteit

balans.jpgBudget neutraliteit is een verkoopterm voor lastig te verkopen projecten. Het begrip is een holle kreet, die zonder definitie zeer beperkte houdbaarheid heeft. Budget neutraal betekent kort en goed gezegd ‘de baten en lasten houden elkaar in evenwicht’, ofwel populair gezegd, ‘we zouden er in de portemonnee en de lusten niets van moeten merken’.

Dat is echter een nauwelijks af te bakenen territorium. Want menig initiator neigt naar verkokerde beschouwing. Men neemt een project, en stelt vast dat sec dat project op basis van budgetneutraliteit wordt gerealiseerd. Ofwel, de kosten voor de realisatie worden geneutraliseerd door de opbrengsten. Ergo, budgetneutrailiteit.

Dat kan zo zijn, maar ieder bouwkundig project brengt ook structurele lasten mee. Zo geldt voor onroerend goed dat het moet worden onderhouden, dat deelvervanging plaats zal vinden, en dat gereserveerd moet worden. Bovendien is afschrijving aan de orde, en wat dacht u van gebruikskosten. Voor infrastructurele zaken geldt hetzelfde. In alle gevallen zijn daarbij gebruiksargumenten aan de orde, zoals intensiviteit van gebruik, uitnutting en vervangingscycli. Die zaken dienen volkomen helder te zijn, voordat een stempel van budgetneutraliteit wordt uitgedeeld.

Daarnaast spelen andere, minder meetbare, argumenten mee. In welke mate worden nog functionerende zaken vervroegd afgeschreven en gesloopt. Welk materieel offer wordt gebracht? Ik kan mijn auto in vijf jaar afschrijven, en een x waarde toekennen aan het eindproduct na afschrijving. Dan kan ik mijn auto voor die x waarde verkopen en een nieuwe kopen [waarbij de cyclus dus opnieuw start], maar ik kan ook besluiten die x waarde over meerdere jaren daarna om te zetten in gebruik zonder afschrijving. Simpel geredeneerd is het laatste scenario veel voordeliger zolang mijn auto betrouwbaar zijn diensten verleent. Vergelijk dat voorbeeld eens met het gemeentehuis, en neem dan ook eens mee dat gemeentelijke herindeling over bijvoorbeeld tien jaar aannemelijk is.

Financiële toetsing

Als we kijken naar de thans gepresenteerde voorstellen tot besluitvorming, dan constateren we dat op basis van een bedreigde budgetneutraliteit een variant voor het CPP afvalt waarin een woontoren met sociale woningen is opgenomen. Dat bevreemdt, want hoewel het college tijdens de commissiebehandeling beweerde geen compleet cijfermatig overzicht te kunnen presenteren, is kennelijk wel een overweging mogelijk die leidt tot een gewogen besluit de woontoren af te laten vallen vanwege omissie van budgetneutraliteit. Dat is een opvallende tegenstrijdigheid, en dit doet sterk neigen tot de conclusie dat er of onwaarheden worden verkondigd over het al dan niet beschikbaar zijn van complete financiële overzichten of onverantwoord besturen aan de orde is omdat op basis van aanname wordt besloten. Twee zaken die kwalijk zijn.

Daarbij is het onverantwoord überhaupt besluiten te nemen in een proces dat zijn nut nog moet bewijzen nu de financiële gegevens – of omissie daarvan – niet bewijzen dat het plan budgetneutraal haalbaar is. En waarom meer uitgeven als nu al zou kunnen worden aangetoond dat niet met gesloten beurzen kan worden gerealiseerd en onderhouden? Het is verleidelijk te concluderen dat men aanstuurt op een ‘point of no return’.

Het is de Raad totaal niet duidelijk welke planbegrenzing er nu feitelijk aan de orde is. Gaan we straks verkeersmaatregelen nemen die wij deels buiten de kaders van het CPP halen, om daarmee bijvoorbeeld budgetneutraliteit te bewerkstelligen? Gaan we bijvoorbeeld noodzakelijke aanpassingen aan riool en elektra generiek omslaan, of wordt dit plan-toegewezen? Welk deel van de concernkosten wordt aan het plan gekoppeld, of welk deel juist generiek omgeslagen? Zijn de gebruikerskosten van het gemeentehuis straks aanzienlijk hoger, of juist lager? Gaan we winkeliers extra aanslaan voor rechten en leges, en worden marktkooplui verplaatst en kost hen dit meer sta-gelden of leges? Kortom, allemaal vragen die verbonden zijn met de kaders van budgetneutraliteit. Vragen ook, die in deze fase totaal niet beantwoord kunnen worden.

Het feit dat we deze vragen niet kunnen beantwoorden, of sterker nog, het feit dat we totaal geen financiële onderbouwing van enige orde hebben kunnen en mogen aanschouwen en toch verondersteld worden als kundige en toegewijde bestuurders te beslissen over belangrijke elementen van een integraal plan, is een bijzonder kwalijke zaak. Het is zonder enige twijfel tenminste onverantwoord bestuur, maar een kwalificatie als onbehoorlijk bestuur zou ook gegeven kunnen worden.

Een sociaal-democratische rariteit

Vers van de pers kwam de leden van de Raad een motie aangewaaid van de sociaal democraten in Leiderdorp. De PvdA wil namelijk maandag een motie indienen, een amendement op het raadsbesluit, waarin de vijf beslispunten van aanstaande maandag worden aanvaard, mits de budgetneutraliteit opnieuw door het college wordt bevestigd.

Vrij vertaald wil de PvdA eerst een fundamenteel verkeerd besluit nemen, om dit te verrijken met een achteraf uitvoerbare ‘no go’ op basis van bewezen gebrek aan budgetneutraliteit. Dit is net zoiets als een koopcontract voor een huis afsluiten, in de ferme wetenschap dat de kans heel groot is dat je de financiering niet rond krijgt; en als dit inderdaad het geval blijkt 10% boete betalen. Dat is volmaakt ongewenst, zeker als er geen noodzaak voor besluitvorming is!

De PvdA zou juist redeneren als men met de oppositie van mening was dat het bizar is om thans besluiten te nemen in het CPP dossier, zonder dat de Raad ook maar in enige mate kennis heeft genomen van de cijfertjes.

Verstandig beleid

Er is maar een conclusie mogelijk, tenminste als men enigszins geobjectiveerd naar de zaak kijkt. Voordat de kaders voor het CPP knip en klaar vastliggen, en de financiële staat en status van het project helder en overzichtelijk aan de Raad is gepresenteerd, kan nooit een gewogen en behoorlijk besluit volgen over het CPP plan als geheel.

Men kan eenvoudigweg niet verdedigen dat een zekere variant thans af valt op basis van bedreiging van de budgetneutraliteit terwijl tegelijkertijd de begroting die ten grondslag ligt aan de beoordeling van de budgetneutraliteit niet voor handen is. Men kan ook geen maatregelen voor het verkeer nu reeds goedkeuren, en dit jaar nog voor uitvoering vrijgeven, en tegelijkertijd volhouden dat de thans voorliggende besluiten teruggedraaid kunnen worden. Tja, in poker noemt men zoiets ‘a committed pot’ – ofwel je hebt al zoveel geïnvesteerd dat je je niet meer terugtrekken kan.

Daarbij wordt tendentieus geschreven richting Raad. Leiderdorp worstelt al jaren met verkeersproblematiek. We ambiëren het omleiden van verkeer buiten het dorp om. Niet alleen genereert Winkelhof autonoom een aanzienlijk extra verkeersstroom, maar eveneens wordt tussen de washandjes door, door de adviseur inzake verkeerszaken gemeld dat we te maken krijgen met een grote autonome aanwas van verkeer. Dat is eerder een argument tegen het Winkelhof dan ervoor, maar wordt juist misbruikt om besluiten in deze fase te nemen vóór uitbreiding! Maar waar bleef inmiddels de ambitie tot verregaande verkeersmaatregelen vanwege perifere afwikkelingsproblematiek?

Het feit dat de Raad thans wordt gesommeerd besluiten te nemen is slechts in het voordeel van Wereldhave. Er wordt geen enkel publiek doel mee gediend, en het toont eens te meer aan dat het huidige college zeer kort moet worden gehouden. De coalitiepartijen – over elkaar heenvallend om de normen en waarden van de oppositie te bekritiseren – nemen hun verantwoordelijkheid totaal niet. Zij hadden en hebben alle kans als verantwoorde en verstandige bestuurders het college pas op de plaats te laten maken, maar verkiezen politiek opportunisme boven degelijkheid.

Verstandig beleid vergt niet alleen verstand (van zaken) en overweging, maar eveneens de kunst van abstractie en nuchterheid. Die laatste twee elementen zouden aanwezig zijn mits en indien partijen zich zouden verheffen boven ideologische en politieke huisjes. Dat is nadrukkelijk niet aan de orde in Leiderdorp. College en coalitie spelen uitdrukkelijk voor lokaal politicusje, en doen net alsof zij – en zij alleen – het juiste inzicht hebben in wat goed is voor Leiderdorp. Quod non!

De werkelijkheid is bepaald anders. We vervallen in oude fouten, en gaan deerlijk de mist in met het CPP als de coalitiepartijen maandag besluiten het college te volgen. Er is daarna nauwelijks meer een weg terug, tenzij er op die weg terug enorme tolgelden worden betaald. Tolgelden die de burger van Leiderdorp mag betalen. En alleen omwille van een verzameling egogeoriënteerde politici in de Raad van Leiderdorp. Met behoorlijk en verantwoord bestuur heeft dit alles niets te maken, en dat is treurig voor de Leiderdorpse burger.

Allert Goossens
Liberaal Leiderdorp

.

Geschreven door Allert Goossens

21 september 2007

Reageer op dit bericht.